Donkere stroming 3

John Heise legt mij woorden in de mond die ik niet heb gebruikt. Wij zijn het er over eens dat de kosmische achtergrondstraling bijna 14 miljard jaar naar ons onderweg is geweest. Ik neem aan dat we het er ook over eens zijn dat het licht in ieder lokaal inertiaalsysteem beweegt met 300.000 km/sec. Maar daaruit volgt nog niet dat de bron en de ontvanger van het licht op 14 miljard lichtjaar afstand staan. Mijn reactie was juist ingegeven door de wens zorgvuldigheid te betrachten aangaande het begrip afstand.Ik heb daarom heel precies geformuleerd wat ik met afstand tot de horizon bedoel: de afstand die de bronnen van het licht dat 14 miljard jaar naar ons onderweg is geweest nu tot ons hebben. Dat nu betekent: in de kosmische ruimte-tijd coördinaten waarin de kosmische achtergrondstraling een uniforme temperatuur heeft. En uiteraard gaat het om bronnen zonder eigen beweging ten opzichte van dit coördinatenstelsel. Deze afstand is ongeveer 50 miljard lichtjaar. Daar is Heise het gelukkig mee eens. Nu ben ik het omgekeerd met Heise eens dat je de afstand ook op andere manieren kunt aangeven. Je kunt bij voorbeeld in plaats van de afstand nu, de afstand tussen bron en ontvanger geven op het moment dat het licht op reis ging; deze was op dat tijdstip op de kosmische klok veel kleiner dan 14 miljard lichtjaar. Wat je echter niet kunt doen is een tijd opgeven alsof het een afstand is, juist omdat de ruimte-tijd dynamisch is, en er geen globaal inertiaalstelsel bestaat waarin je die afstand direct - bij voorbeeld met lichtsignalen - kunt meten. Het doet er dus heel veel toe op welk moment het signaal waar wordt uitgezonden, en welk moment het waar wordt waargenomen. Verder heb ik niet gezegd dat je alles wat tussen 14 miljard jaar geleden en heden is gebeurd nu nog kunt waarnemen. Ik heb alleen gezegd dat deverste gebeurtenissen in de tijd die voor ons waarneembaar zijn 14 miljard jaar geleden plaats vonden. Daarom heet dat een horizon.