Obama benoemt wel erg veel economen

„Vraag het aan vijf economen en je krijgt vijf verschillende antwoorden, of zelfs zes als één van hen op Harvard heeft gezeten”, aldus econoom Edgar Fiedler.

Barack Obama krijgt straks in het kwadraat met dit probleem te maken. Hij heeft Paul Volcker, de vroegere voorzitter van de Federal Reserve (de Fed, het federale stelsel van Amerikaanse centrale banken) en afgestudeerd Harvard-econoom, gevraagd een nieuw economisch adviesorgaan te leiden. Nu de Amerikaanse economie in zwaar weer verkeert, kunnen méér stemmen beter zijn dan weinig. Maar er is een gevaar dat de discussies ten koste zullen gaan van de daadkracht.

Volcker wordt alom gerespecteerd, omdat hij er als Fed-voorzitter in is geslaagd met een hard, maar afgewogen beleid de inflatie van de jaren zeventig te beteugelen. Dat vloekt niet met de centralistische toonzetting van de rest van het financieel-economische team van Obama – hoewel het wel contrasteert met de aanpak van de huidige Fed-voorzitter Ben Bernanke. Bernanke, ook van Harvard, neigt meer naar een soepel monetair beleid en zal vermoedelijk aanblijven tot begin 2010.

Er zijn ook verschillen van inzicht mogelijk met Larry Summers, de nog steeds aan Harvard verbonden, strijdvaardige vroegere minister van Financiën, die Obama aan het hoofd van zijn Nationale Economische Raad heeft gezet. Daarnaast is er nog de saaiere Raad van Economische Adviseurs, onder leiding van Berkeley-econoom Christina Romer. En tenslotte is daar Tim Geithner, de slimme voorzitter van de New Yorkse Fed, die op de nominaie staat om Obama’s minister van Financiën te worden. Geen van de twee laatstgenoemden heeft overigens op Harvard gezeten.

Deze vijf advieslichamen hebben verschillende, zij het overlappende functies. Maar hun voorzitters – om maar te zwijgen van de andere leden – kunnen volgens Fiedler dus ook acht verschillende meningen koesteren. En andere organen kunnen eveneens een stem inbrengen, zoals Obama’s Office of Management and Budget, dat onder leiding zal komen te staan van Peter Orszag, voorheen voorzitter van het niet-partijdige Begrotingskantoor van het Congres.

De intensieve debatten – waar ook wel eens een paar scherpe ellebogen aan te pas zouden kunnen komen – kunnen nieuwe ideeën opleveren en ervoor zorgen dat plannen goed worden geanalyseerd. En gezien het feit dat zo weinig economen de huidige financiële crisis hebben voorspeld, kan het brede scala aan opinies zeer waardevol blijken. Maar het kan voor de nieuwe president ook zeer lastig worden om besluiten te nemen. Dit vergt opnieuw een moeilijk staaltje evenwichtskunst van Obama.

Richard Beales

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com