Lachen om nichten en een smurf

In zijn nieuwe conference De Limiet richt Freek de Jonge zich op de humoristische kanten van topsport.

„Paarden rijden liever op de muziek van Marianne Weber.”

Het was een van de meest hilarische momenten tijdens de Olympische Spelen in China: Anky van Grunsven die haar echtgenoot Sjef Janssen berispte nadat zij haar derde olympische titel had veroverd. „Sjef, waar was je nou”, snauwde de amazone uit Erp toen de teammanager haar als laatste kwam feliciteren. Schuldbewust klopte Janssen zijn vrouw op de rug – de camera’s met dreigende blik op afstand houdend.

Het beeld werd de dagen erna veelvuldig in sportprogramma’s herhaald. En dus wist iedereen in het Brabantse theater De Bussel maandagavond waar Freek de Jonge over sprak toen hij zei dat Van Grunsven haar man in Hongkong „even kwijt” was. Toen de cabaretier met haar evenbeeld op zijn nek over het toneel galoppeerde – op muziek van Marianne Weber – lag de zaal aan zijn voeten. Dressuurpaarden hebben volgens De Jonge veel meer met haar volksmuziek dan met de verheven composities van „blauwe pianosmurf” Wibi Soerjadi. Diens muzikale bespiegelingen zijn aan hem niet besteed.

‘De Limiet’, heet de sportconference waarmee De Jonge sinds vorige week door Nederland toert. Als alles volgens plan verloopt, presenteert hij zijn voorstelling op 16 december bij het Sportgala, waar de sportman, -vrouw, -ploeg en -coach en gehandicapte sporter van het jaar worden verkozen. In een halflange sportbroek, want dat is tegenwoordig tot zijn ontsteltenis usance onder sporters. „Van de spelersballen zien we weinig meer”, zegt hij zijn shorts demonstratief optrekkend.

Sport gaat De Jonge al lang aan het hart. Dertig jaar geleden protesteerde hij met Bram Vermeulen tegen de deelname van het Nederlands elftal aan het wereldkampioenschap voetbal in Argentinië. Hun programma Bloed aan de paal maakte destijds veel los, maar in De Limiet laat de nog levende helft van het cabaretduo Neerlands Hoop het thema links liggen. „Ik ga niet graag op 4 mei naar de Dam”, is een van zijn schaarse toespelingen op de martelingen en verdwijningen in Argentinië. „Want ik weiger naast de dochter van een fascist te gaan staan.”

De Jonge richt zich in De Limiet vooral op de humoristische kanten van topsport. Want hoewel topsport volgens hem een serieuze aangelegenheid is, valt er altijd wel een slapstickachtig element in te ontdekken. „Laat Gertjan Verbeek eens nagaan of hij nichten in zijn selectie heeft”, zegt hij verwijzend naar de tegenvallende prestaties van Feyenoord. Uit een recent verschenen boek blijkt dat homo’s beter presteren als ze uit de kast komen. En Verbeek moet volgens De Jonge geen middel onbenut laten om zijn selectie weer op orde te brengen.

Nederlandse topsporters ontberen een killersmentaliteit, vindt de predikantenzoon. Ze klagen te veel over weersomstandigheden, zijn berekenend en plaatsen zich op de meest ingewikkelde manieren voor olympische limieten. „Misschien is een chemokuur wel heel gezond”, houdt De Jonge zijn toehoorders in Oosterhout voor. Want het is toch opvallend dat juist een voormalig kankerpatiënt als Maarten van der Weijden voor het sportieve hoogtepunt van het jaar zorgt, met zijn gouden medaille bij het openwaterzwemmen in Peking.

Het moralisme blijft grotendeels achterwege in de nieuwste voorstelling van De Jonge. Maar zo nu en dan klinkt wel cynisme door bij de cabaretier die zich zich onlangs van zijn grimmigste kant liet zien bij een confrontatie met Peter R. de Vries in de televisietalkshow Pauw & Witteman. In veertig jaar tijd had hij het publiek een rijk palet aan conferences, liedjes, romans en films voorgeschoteld. „Maar wat bij de mensen blijft hangen is Peter R. de Vries”, verzucht De Jonge.

Bekijk de confrontatie van Freek de Jonge met Peter R. de Vries via nrcnext.nl/links

Of bekijk een filmpje dat wel is bedoeld om te lachen (met Dick Advocaat) via nrcnext.nl/links