Je ziet de kwieke wandelaars voor je

cd klassiek

Rias Kammerchor: Mendelssohn-Bartholdy: Lieder **

„De natuurlijkste muziek van al is het als vier mensen samen het woud in trekken en de muziek in zich dragen.” Felix Mendelssohn vertaalde die visie in talrijke vierstemmige koormuziekstukken Im Freien zu singen – aansprekende, volksmuzikale melodieën in eenvoudige zettingen, met een enkele echo als extreemste vorm van complexiteit. De ritmiek is veelal monter; je ziet de kwiek door het land wandelende viermanschappen van Mendelssohns wensdroom zó voor je – tuigleren schoeisel en knickerbocker incluis. In die zin is dit muziek die anderhalve eeuw het slechtst heeft doorstaan. De muziek is prachtig en wordt door het vrijwel altijd uitstekende Rias Kammerchor optimaal strak, lenig en energiek gezongen. Maar het zijn vooral de contemplatievere stukken, zoals Herbstlied , die je ook nu nog infecteren met iets meer dan optimistische wandellust. Want die lust kan tijdens de bijna dertig voorbijflitsende minimuziekstukken omslaan in een afmattende majeur-moeheid.