Dip grabbelende doelman Gomes lijkt voorbij

NEC 0 Tottenham Hotspur 1

Ruststand 0-1. 14. O’Hara 0-1. Scheidsrechter: Muniz Fernandez (Spa). Toeschouwers: 12.000.

Heurelho Gomes keek schichtig om zich heen toen hij gisteravond de kleedkamer van Tottenham Hotspur in het Goffertstadion verliet. Daar staan ze dus, de Engelse journalisten die hem al weken opjagen als een gewond dier. De Braziliaanse doelman had van NEC gewonnen in het UEFA-Cuptoernooi, maar sinds zijn miljoenentransfer van PSV naar Spurs, afgelopen zomer, staat de eens zo betrouwbare keeper in Engeland vooral bekend om zijn blunders. Daarmee draagt hij mede schuld aan de slechtste seizoensstart ooit van de steenrijke, maar al jaren zwalkende club uit Londen.

Of Gomes dacht dat hij het lek boven had nu hij twee duels op rij ‘de nul’ had gehouden, wilden verslaggevers van Engelse kranten weten. De 27-jarige doelman maakte een bizarre tijd door sinds zijn vertrek uit Eindhoven, waar hij jarenlang met miraculeuze reddingen punten verzamelde voor PSV en uitgroeide tot publiekslieveling. Vorig seizoen was hij verantwoordelijk voor de Europese uitschakeling van zijn huidige werkgever.

Maar sinds Gomes het Spurs-shirt draagt, houdt White Hart Lane de adem in als de bal in de doelmond komt. Het cynisme is zo groot dat Gomes maandag de kranten haalde omdat hij géén doelpunt had geïncasseerd, tegen Blackburn Rovers. Hij wil het nog wel eens uitleggen. „Als team begonnen we het seizoen slecht. Daardoor had ik een groot probleem de eerste weken. Mijn zelfvertrouwen was weg. Bij elke bal voor het doel dacht ik: moet ik gaan of moet ik blijven staan? Maar het gaat langzaam beter met ons. Het zelfvertrouwen groeit.”

Gomes leek in een gespreid bedje te komen toen hij na vier succesvolle jaren PSV verliet. Hij hoorde bij de beste keepers van Europa en kwam terecht bij een club die één ambitie heeft: aansluiten bij de grote vier van de Premier League, Arsenal, Chelsea, Manchester United en Liverpool. Maar tot de kloof gedicht is, zal bij de Spurs-bestuurders geen rust heersen, zoals Martin Jol vorig jaar al ondervond toen hij werd ontslagen.

In de jacht op de eerste landstitel sinds 1961 investeerde Spurs, volgens het Amerikaanse zakenblad Forbes één van de veertien rijkste clubs ter wereld, in de zomer voor tientallen miljoenen ponden in nieuwe spelers, onder wie de Russische kwelgeest van Oranje op het EK, Roman Pavljoetsjenko, en de Kroatische sterspeler Luka Modric. Maar onder Jols opvolger, de Spanjaard Juande Ramos, groeide Spurs in het nieuwe seizoen uit tot het lachertje van de Premier League – met de grabbelende ‘aanwinst’ Gomes als tragisch boegbeeld. Ramos werd al in oktober vervangen door Harry Redknapp, die een bijnaam overhield aan ontsnappingskunstenaar Harry Houdini omdat hij bekend staat om zijn vermogen probleemclubs uit de modder te trekken. Wat hem onder meer met West Ham United en Portsmouth lukte, lijkt hem ook te lukken met Spurs: sinds zijn komst won Tottenham zeven van de negen duels. En Gomes laat de kritische fans bij vlagen zien waarom de club tien miljoen euro voor hem overhad.

Redknapp speelde daarbij een belangrijke rol, erkent Gomes. „Hij bleef me zeggen: ik heb vertrouwen in je, ik ken je als een heel goede keeper, het komt goed.”

NEC-trainer Mario Been had vooraf gezegd dat hij hoopte op „een paar ketsers” van Gomes, maar de Braziliaan keepte gisteren bijna foutloos. Dat vond ook Redknapp. „Hij pakte elke voorzet, het zag er goed uit. We hebben veel met hem getraind op typisch Engels voetbal, met veel hoge ballen. We hebben ook veel met hem gepraat. Ik denk dat zijn vertrouwen langzaam terugkomt. Alle keepers hebben wel eens een dip. Nu gaan we zien wat hij echt kan.”

Maar NEC kwam gisteravond nauwelijks in de gelegenheid de Braziliaan te testen. Ook zonder de geblesseerde sterren Pavljoe-tsjenko en Modric was Tottenham te sterk voor de nummer acht van de eredivisie, vooral fysiek.

Been wilde zijn spelers niet afvallen op een unieke avond in de geschiedenis van de bescheiden club. „We hebben aardig gevoetbald, maar we zijn niet of nauwelijks gevaarlijk geweest”, zei Been. Vooraf had hij al gezegd dat eenieder die meer van NEC zou verwachten, niet realistisch was. Tottenham was immers een tegenstander die de complete NEC-begroting twee keer kan uitgeven om één speler te kopen.

„We voetbalden leuk mee, maar creëerden te weinig. Al hadden we nog een uur gespeeld, dan had ik nog niet verwacht dat we een goal hadden gemaakt”, erkende Been ruiterlijk.