De hele familie Breidenstein is afhankelijk van General Motors

Bill Breidenstein (72) is ex-werknemer van General Motors. „In die 31 jaar heb ik er van alles gedaan: deuren in auto’s gehangen, gelast, leiding gegeven aan een groepje lassers, de kwaliteitscontrole gedaan. Toen ik 57 jaar was, in 1994, besloot ik met pensioen te gaan. Ik wilde nog zoveel, ik ben flink gaan reizen. Het hele land ben ik door geweest.

„Ik heb altijd gezegd dat ze daarboven in de overheid onze banen niet naar andere landen moesten sturen. Een mondiale markt, noemen ze dat. Ik noem het slecht voor de Amerikaanse economie. Ik ben een trouw vakbondsman, zeker weten dus dat ik op Obama stemde. Natuurlijk zegt hij dat we meer aan alternatieve energiebronnen moeten doen. Maar ook dat lost niet al onze problemen op.

„De GM-fabriek in Janesville onderhoudt iets minder dan vijfduizend gepensioneerden, meer dan het aantal werknemers dat nog over is. Twee jaar geleden gaven we onze ziektekostenverzekering op, zodat GM kon overleven, maar het bedrijf heeft er nooit slechter voorgestaan dan nu.

„Ik heb vijf kinderen. William junior is de oudste, hij heeft zelf vier kinderen en een paar kleinkinderen. William werkt in een andere GM-fabriek, in Indiana. Tot nu toe is hij nog niet getroffen. Mijn twee dochters werken bij Lear, een toeleverancier van GM hier in Janesville. Daar maken ze de stoelen. Zei ik werken? Ik bedoel: werkten. Barbara, die twee kinderen heeft, is al ontslagen omdat haar bedrijf minder werk krijgt van GM. Karen, zelf oma, wordt op 23 december ontslagen, op dezelfde dag dat ook GM sluit. Dan valt ook Lear om.

„Een andere zoon, Keith, heeft zelf drie zoons, en werd de dag voor 4 juli ontslagen. Independence Day! Wat een dag. Dan is er alleen nog Bradley, vader van twee plus twee stiefkinderen. Hij werkt in een kroeg in de stad. Hij komt het beste weg, zeg je? Ervan uitgaande dat deze neerwaartse spiraal niet doorzet, bedoel je. Want ook bij hem in Jumbles is het al veel rustiger.

„Het wordt een kale Kerst. We hebben hun net gezegd dat ze zoveel mogelijk moeten besparen op cadeautjes. Zo opgewekt zal het niet worden. Hun toekomst is onzeker, het ziet er niet goed uit. Moeten ze verhuizen? Waarheen dan? Een baan is al moeilijk te vinden, laat staan met dat soort inkomens. We zijn allemaal bang.”