Peking toonaangevend op huizenmarkt

 

 Het Koreaans-Chinese vastgoedbedrijf Hang Seng houdt kantoor in het oosten van  Peking. Het bedrijf is gevestigd op de binnenplaats van mijn compound en  treedt op  als makelaar voor vermogende tycoons uit Hong Kong en Taiwan die hun    appartementen en huizen verhuren aan Chinezen uit de middenklasse of aan    buitenlanders. Makelaar Linda Wang  loopt naar een overzichtsfoto  van een woonwijk met koopwoningen aan de muur in haar kantoor.

“De  zaken gaan nog steeds heel goed, ondanks de financiële crisis. Hoewel de prijzen voor  verkoop  en huur tien procent lager  liggen dan  in maart mogen we niet klagen. De duurdere huizen worden minder snel verkocht of verhuurd maar huizen rond de twee, drie ton zijn nog steeds erg in trek,” zegt de in een zwart  mantelpakje geklede makelaar in gebrekkig Engels. Dat de huizenmarkt in Peking  in tegenstelling tot bijvoorbeeld die van  Shanghai redelijk stabiel is, heeft volgens Wang verschillende redenen:   

“Ten eerste wonen in Peking veel minder expats  en migrantenarbeiders dan in andere Chinese steden. Ten tweede heeft  de centrale overheid  maatregelen getroffen om het kopen van huizen te stimuleren en ten derde zijn mensen  geneigd te kopen nu de prijzen een stuk lager liggen.” Volgens Wang kopen Chinezen traditiegetrouw liever dan dat zij huren.

“Investeren in aandelen is geen optie meer, daarom is huizen kopen weer in,” zegt Wang. Van een massale uitverkoop van huizen is volgens de makelaar dan ook geen sprake: “De meeste Chinese huizenbezitters hebben in tegenstelling tot  Amerikanen weinig of geen hypotheek. Daarom zijn ze niet gedwongen hun huis voor een lagere prijs van de hand te doen.”

Alleen Koreanen, die in Peking werkzaam zijn voor Koreaanse multinationals,  willen snel van  hun huis af aldus Wang. “De Koreaanse munt staat erg laag en dat maakt het  voor Koreanen interessant om hun huis te verkopen. Omdat de Chinese yuan niet vrij inwisselbaar is, wisselen  ze hun Chinese geld  bij   Koreaanse zakenlieden die yuans nodig hebben om te investeren in hun Chinese bedrijf.” Maar dat is volgens haar nog geen teken dat de markt zal instorten.

Kantoorbeambte Xie Yinmin zegt vandaag  in de China Daily dat hij al langer van plan is een huis te kopen. Hij is twee maanden geleden getrouwd maar wacht nog even af hoe de huizenmarkt zich zal ontwikkelen. “De beloofde belasting- en renteverlagingen zijn marginaal. Die kleine voordelen trekken me niet over de streep trekken. Ik kan beter  wachten. De prijzen zakken vanzelf verder,” aldus Xie.

Maar Linda Wang blijft volhouden. “De prijzen gaan omlaag maar het blijft bij een tien procent daling. Dat was na de Spelen al voorspeld.” Wang pakt een afgelopen zaterdag door de overheid verspreid document waarin maatregelen worden aangekondigd. “Kijk, hier staat dat de overheid de rente en de overdrachtsbelasting verlaagt. Peking moet wel want als  het  hier misgaat, volgt  het hele land.” 

Peking neemt een speciale politiek positie in. Elke scherpe daling van de huizenmarkt zal zeker worden beschouwd als een signaal voor verdere politieke maatregelen en dalingen in aanverwante sectoren.

 Wang adviseert mij vervolgens  van appartement te wisselen omdat ik aanzienlijk  besparen op de huur. Ze wijst op een appartement op de achtste verdieping van mijn  flat. “De eigenaar  heeft de prijs verlaagd met twintig  procent.”  Dat Chinese huisbazen  genoegen nemen met minder huur is volgens Wang heel uitzonderlijk. “Chinese  verhuurders lieten in het verleden  hun huis  liever jaren leeg staan dan dat ze het onder de prijs verhuurden. Die tijd is voorbij. Buitenlandse  bedrijven halen hun werknemers  massaal terug, de Olympische Spelen zijn achter de rug  en daarvoor in de plaats is de crisis gekomen,” zegt Wang.