Italië wil actie op scholen na vermorzeling leerling

Zaterdag stortte een plafond op een klas bij Turijn.

Het is niet het enige incident. Het geld voor de crisis moet naar onderhoud, vindt de staatssecretaris.

Miljoenen ouders in heel Italië stellen zich dezer dagen de bange vraag hoe het is gesteld met de schoolgebouwen waar hun kinderen les krijgen.

Zaterdag stortte een verlaagd plafond van cement op een klas in een school bij Turijn. De 17-jarige Vito Scafidi kwam om, een andere leerling is zwaargewond. Premier Silvio Berlusconi omschreef het onheil in een reactie als het toeslaan van „het noodlot”.

Maar diezelfde dag tilde een windvlaag enkele tientallen kilometers verderop een stuk van een schooldak op. Het dak verschoof een meter en helt nu gevaarlijk over. In Bari ontplofte dinsdag een verwarmingsketel in een school, in Milaan viel een 6-jarig kind op vijftien meter hoogte uit een schoolraam. Het ligt in coma. In Napels is gisteren een school geëvacueerd na vallend stucwerk.

Mijn kinderen klaagden deze week gelukkig alleen over de kou op school. De verwarmingsketel en de pomp slagen er al twee jaar niet in warm water tot in de radiatoren op de bovenste verdieping te pompen. De juf had de elektrische gloeikachel vergeten aan te zetten.

Uit onderzoek door de brandweer in 10.000 van de 57.000 scholen blijkt dat 60 procent van de gebouwen geen geldige bouwkundige certificering heeft. Driekwart voldoet niet aan de brandpreventievoorschriften. Iedereen kent de problemen al jaren, maar door de dood van Vito Scafidi staan ze weer even hoog op de agenda. Net als zes jaar geleden, toen in San Giuliano di Puglia 27 kinderen en een lerares omkwamen nadat een school was ingestort bij een aardbeving.

Kranten verzamelen klachten op hun sites. De litanie over lekkende scholen, gebarsten muren, blootliggende elektriciteitskabels, vallend stucwerk en kleine en grote ongelukken kent geen einde. Scholieren gaan vrijdag in Rome de straat op om te demonstreren tegen de noodtoestand.

Want een noodtoestand is het, zo bevestigde de staatssecretaris van Burgerbescherming, Guido Bertolaso, gisteren in het parlement. Volgens hem is er 13 miljard euro nodig om achterstallig onderhoud aan de gebouwen weg te werken. De beveiliging van de scholen in aardbevingsgevoelige gebieden alleen al vergt een investering van 4 miljard euro.

Al jaren, zo beklemtoont Bertolaso, stellen regeringen en lokale autoriteiten van elke politieke kleur de toepassing van de wet op de veiligheid van werkplekken uit als het gaat om schoolgebouwen.

Volgens de staatssecretaris moet het geld dat de regering gaat vrijmaken om de economische crisis te bestrijden ook worden gebruikt voor het onderhoud: „Bedrijven moeten de complexe restauratiewerken in scholen beschouwen als een kans om de economie aan te zwengelen.”

Vandaag ontmoet minister van Onderwijs Mariastella Gelmini de regionale gedeputeerden van onderwijs om met het weinige geld dat beschikbaar is de eerste werkzaamheden te plannen.