Ex-ambassadeur: Georgië begon

De Georgische autoriteiten hebben signalen van de Amerikaanse regering verkeerd geïnterpreteerd als een aanmoediging om geweld te gebruiken tegen de separatistische regio’s Abchazië en Zuid-Ossetië. Dat heeft Erosi Kitsmarisjvili, de voormalige ambassadeur van Georgië in Moskou, gisteren gezegd.

Kitsmarisjvili deed zijn uitspraken tegen een parlementaire enquêtecommissie die in oktober is ingesteld om te achterhalen wie afgelopen zomer de oorlog in Zuid-Ossetië is begonnen. De Georgische regering zegt dat de beweringen onjuist zijn.

Kitsmarisjvili beschuldigde ook Moskou ervan Georgië te hebben geprovoceerd. Beide partijen in het conflict zijn volgens hem schuldig aan het uitbreken van de oorlog, al is volgens hem Georgië met het geweld begonnen.

Volgens Kitsmarisjvili gingen de Georgische autoriteiten er bij hun actie van begin augustus van uit dat ze Zuid-Ossetië binnen enkele uren zouden hebben veroverd en dat Rusland niet tussenbeide zou komen. Ook zouden ze hebben geloofd dat hun actie door de Verenigde Staten werd gesteund. Vertegenwoordigers van de Georgische regering zouden hem hebben verteld dat de Amerikaanse president Bush in maart zijn zegen had gegeven aan de gewapende actie. „In werkelijkheid was dit niet juist”, zei Kitsmarisjvili.

De voormalige ambassadeur heeft de enquêtecommissie ook verteld dat Georgië in 2004 al een oorlog tegen Abchazië en Zuid-Ossetië wilde beginnen. Volgens Kitsmarisjvili wilde president Michail Saakasjvili toen eerst Abchazië binnenvallen en een paar maanden later ten strijde trekken tegen Zuid-Ossetië.

De verklaring van de ex-ambassadeur, een bondgenoot van president Saakasjvili in de Rozenrevolutie van 2003, staat lijnrecht tegenover de bewering van de Georgische regering dat Georgië slechts op agressie van de zijde van Rusland heeft gereageerd. De verhoren van de commissie gaan nog zeker twee maanden door.