Een wereldbestuur, dat zou pas helpen

De financiële crisis eist minder belangenconflicten en meer mondiale coördinatie.

Want: „We moeten het bestuur van de wereld niet opsnijden in plakjes.”

De Franse president Sarkozy wil een ‘nieuw kapitalisme’. De Franse econoom Christian de Boissieu (61) gelooft daar niet zo in. Hij is sinds 2003 president van de Conseil d’Analyse Economique, het forum van toonaangevende Franse economen dat de premier adviseert. Het nieuwe kapitalisme, zei Sarkozy, moet zijn gebaseerd op de ondernemer én een actievere staat.

Een goed idee: kapitalisme met een actievere staat?

„Ik denk dat er niets wezenlijks zal veranderen in dit opzicht. Het kapitalisme verandert niet van aard. De staat houdt in de grond dezelfde rol: verkennen van de situatie, zoals het CPB in Nederland. De staat jaagt aan, door belasting- of begrotingspolitiek. En helpt, vooral het midden- en kleinbedrijf. Het enige dat verandert is het toenemende belang van toezicht, regulatie en transparantie, van regels en normen. Voor boekhouding, maar ook voor beloning. Alle crises sinds de Enron-affaire in 2001 draaien in wezen om dezelfde problematiek. Maar beter bestuur betreft niet alleen de staat. Het moet ook op het microniveau van bedrijven worden verbeterd. En internationaal moet er meer coördinatie komen.”

Was de G20-top in Washington het begin van een nieuw kapitalisme, zoals Sarkozy voor ogen heeft?

„Nee, we zijn niet bezig van systeem te veranderen. We blijven in het kapitalisme, dat is het enige systeem dat er is. Maar we veranderen wel spelregels, om te zorgen voor een beter bestuur. We zijn bezig de elementen aan te wijzen voor mondiaal bestuur. Dat is nodig omdat we minder vluchtigheid willen, minder belangenconflicten, betere coördinatie. Je kunt de wereld niet met crisismanagement blijven besturen.”

Hoe ver moet dat mondiaal bestuur gaan?

„Een beter bestuur van de wereld is vooral nodig om systeemcrises aan te pakken. En er zijn er drie: behalve die van het kapitalisme, ook de voedselcrisis en de crisis in energievoorziening en duurzaamheid. We vergeten die twee nu misschien een beetje, dat blijkt wel uit hoe moeizaam het nu gaat om Europese overeenstemming te bereiken over het energie- en klimaatpakket. Maar de energiecrisis is niet voorbij, omdat we nu lagere olieprijzen hebben. En alle drie de crises vragen om meer mondiale coördinatie.”

Zou zo’n wereldbestuur ooit eens bij één organisatie kunnen berusten?

„Dat hoeft niet. Maar aan de andere kant moeten we het bestuur van de wereld ook niet opsnijden in worstplakjes per onderwerp. Ik ben voor het scheppen van ‘loopplanken’ tussen internationale organisaties zoals het IMF, de Verenigde Naties, de WTO en de Wereldbank. Er moet een nieuwe internationale architectuur komen met doorgangen en verbanden tussen de organisaties, en meer onderlinge samenwerking.”

Zou dat uiteindelijk leiden tot minder marge voor nationale overheden?

„Op korte termijn zijn overheden bezig schoon schip te maken, en dat is ook hun taak. Maar op de langere termijn is meer coördinatie op internationaal niveau een belangrijker ontwikkeling. Dat gaat langzaam. Misschien duurt het nog wel vijf of tien jaar voordat we één Europese toezichthouder hebben.”

Reageert Europa goed?

„Op dit moment neemt Europa op wereldschaal initiatieven. Dat is nieuw en dat is goed. Maar Europa moet zich gaan buigen over zijn eigen bestuur. De Eurogroep heeft de afgelopen maanden goed gefunctioneerd, maar het was niet gebaseerd op teksten. Er zijn nieuwe feiten geschapen. De crisis heeft Europa tot besluitvaardigheid gedwongen.”

Maar ook het belang van de nationale overheden versterkt.

„Laten we wel wezen: staten zijn altijd heel aanwezig geweest in de financiële sector. Banken zijn nooit gewone ondernemingen geweest, gezien hun strategische belang. Die nationaliseringen zijn tijdelijk, zegt men. Maar de vraag is: hoelang gaat het duren? In de VS eind jaren tachtig was de overheid binnen twee drie jaar weer overal weg. Dat was goed.”

U maakt zich meer zorgen over de EU?

„Ik ga ervan uit dat de staatsdeelneming ook in Europa écht tijdelijk is. Zij hoort gebonden te blijven aan het voorkomen van faillissementen, het voorkomen van een systeemcrisis.”