Een stad waar iedereen altijd haast heeft

Mumbai is de laatste jaren regelmatig getroffen door terreuraanslagen, maar steeds veert de stad weer op.

Wie in de altijd plakkende hitte van Mumbai (Bombay) arriveert, raakt onherroepelijk onder de indruk van de grenzeloze energie van zijn veertien miljoen inwoners. Van de rijkste zakenlui in westerse maatpakken en de grootste criminele bendeleiders tot de armste straatventers en bedelaars, iedereen is bezig en iedereen heeft haast.

Terwijl de hoofdstad New Delhi het ietwat nukkige temperament van zijn talrijke ambtenaren uitstraalt en Calcutta vanouds ten prooi is aan een zekere lethargie, bruist Mumbai dag en nacht.

Het is een stad waar veel, zo niet alles om geld draait. Al heel lang is Mumbai het economische hart van India. De belangrijkste beurs van het land en de Indiase centrale bank zijn er gevestigd. Daarnaast vormt de stad het hart van Bollywood, de succesvolle Indiase filmindustrie en een geliefd investeringsobject voor de bazen van machtige criminele netwerken.

De gisteren begonnen aanslagen hebben plaats in het oude centrum van Mumbai op de zuidpunt van het tamelijk smalle schiereiland, waarop de stad is gebouwd en waar al die miljoenen inwoners op elkaar zitten gepakt.

Vooral het monumentale Taj Mahal-hotel met zijn fraaie uitzicht op de Arabische Zee heeft een belangrijke symbolische waarde. Het is – op enige afstand gevolgd door het Oberoi Hotel, verderop aan Marine Drive – dé ontmoetingsplaats voor welvarende Indiërs en buitenlanders. Wie er binnenwandelt langs de portiers in hun exotische kostuums, belandt in een koele wereld van geld, luxe en grandeur, waarvan de meerderheid van de bevolking in zweterige woningen, al dan niet in sloppenwijken, slechts kan dromen.

Veel mensen associëren de Taj, zoals het vaak kortweg wordt genoemd, met de Britse koloniale overheersing. Ten onrechte. Het werd opgetrokken door Jamsetji Tata, grondlegger van India’s grootste bedrijf. Als niet-westerling was hij niet welkom in het belangrijkste hotel ter stede. Daarop bouwde hij zijn eigen hotel.

Vlak naast de Taj staat The Gateway of India, een poort die was gebouwd om de Britse koloniale heersers met veel ceremonieel te verwelkomen. Hierdoor vertrokken de laatste Britse militairen in 1947 bij India’s onafhankelijkheid. Het is een geliefd punt bij toeristen maar ook bij gewone families, die kauwend op somoza’s en andere Indiase versnaperingen, genieten van de zonsondergang.

Ook het imposante Victoria Terminus-stationsgebouw, sinds enkele jaren herdoopt in Chhatrapati Shivaji Terminus, spreekt tot de verbeelding. De naamswijziging gebeurde onder druk van de machtige lokale hindoepartij Shiv Sena. Die partij zorgde er ook voor dat Bombay nu Mumbai heet, al blijven velen hun stad Bombay noemen. Het station werd in de negentiende eeuw gebouwd in de stijl van de Moghul-gotiek, een mengsel van Gotische kathedralen en paleizen van Moghul-keizers.

Mumbai is een stad van contrasten. De met palmen omringde villa’s van rijke zakenlui en filmsterren in de chique wijk Malabar lijken tot een ander universum te behoren dan de uitgestrekte sloppenwijken her en der in de stad. In de grootste, Dharavi, onthutsend goed zichtbaar voor landende vliegtuigpassagiers, wonen alleen al een miljoen mensen. Niet allen overigens onder even slechte omstandigheden. De sloppenwoningen van Mumbai variëren van relatief comfortabele met airconditioning en televisie tot stinkende stulpjes voor de armsten, vaak gelukszoekers uit dorpen.

De aanhoudende immigratie in Mumbai is een bron van kracht én van spanningen. Hoewel de stad als handelscentrum vanouds liberaal en verdraagzaam is, is het de laatste vijftien jaar tot heftige confrontaties tussen radicale hindoe’s en moslims gekomen. Zowel Shiv Sena als radicale moslimorganisaties, al dan niet uit het buurland Pakistan, roeren graag in dit potje. Mumbai is de laatste jaren herhaaldelijk door terroristische aanslagen getroffen, soms nog bloediger dan die van gisteren, maar steeds weer veren de bewoners op. Wie in de stedelijke jungle van Mumbai kan leven, is niet makkelijk klein te krijgen.