Schaamte en verdriet 30 jaar na vuile oorlog

Dertig jaar na de finale van het WK voetbal in Argentinië gedenken enkele bewust geworden oud-spelers en ‘dwaze’ moeders de slachtoffers van het regime-Videla.

Op een paar honderd meter van het gebouw op het KNVB sportcentrum in Zeist waar zojuist het boek ‘Voetbal in een vuile oorlog’ was gepresenteerd, staat Hans Jorritsma op het punt in zijn auto te stappen. Jorritsma, oud-hockeyinternational en nu teamleider van het Nederlands voetbalelftal, ziet het boek en zegt: „Hé, wat is dat, een boek over het WK van 1978? Ze hadden er ook wel een van het WK hockey in 1978 kunnen maken.”

Drie maanden voordat voetballend Oranje op 25 juni 1978 onder streng toezicht van de Argentijnse juntaleider Jorge Videla in de finale van het thuisland verloor, verloor hockeyend Oranje in Buenos Aires in de finale van Pakistan. Jorritsma speelde mee, maar weigerde de zilveren medaille uit handen van Videla te ontvangen. Tot grote woede van de hockeybond.

Jorritsma voelde zich als eerste sporter betrokken bij het lot van het Argentijnse volk ten tijde van de dictatuur van Videla. Hij aarzelde om te gaan, verdiepte zich in de materie, en bezocht eenmaal in Argentinië het Plaza de Mayo, het plein van de demonstrerende ‘dwaze moeders’ die hun man en kinderen waren kwijtgeraakt. „Je kon niets missen van wat daar gebeurde. Overal militairen en razzia’s. Ik heb met moeders gesproken, met mensen in de straat”, zegt Jorritsma nu. Voor het weekblad Vrij Nederland hield hij toen een dagboek waarin hij beschreef wat hij zag en meemaakte.

„Maar ik was niet de eerste”, zegt Jorritsma. Hij doelt op Freek de Jonge en Bram Vermeulen die al een paar maanden eerder waren begonnen met hun protestactie ‘Bloed aan de paal’, waarin ze tevergeefs de voetbalbond en de regering opriepen stelling te nemen. Na het WK hockey werden de discussies heviger. De Jonge liep de deur plat bij de sportredactie van de Volkskrant. Daar zwengelde hockeyverslaggever Frits Abrahams, die zojuist was teruggekeerd van het WK waar hij vooral politieke verhalen had geschreven, de kwestie aan. Hij ging niet terug voor het WK voetbal, als de Volkskrant ging moest er alleen over politiek worden geschreven. Drie verslaggevers reisden naar Argentinië, er werd over politiek geschreven maar toch zeker ook over voetbal.

Jorritsma was niet aanwezig bij de perspresentatie van het rijk geïllustreerde boek ‘Voetbal in een vuile oorlog’. De Jonge wel. Evenals Leopoldo Luque, tijdens het WK van 1978 aanvaller in het Argentijnse elftal, én Nora Morales de Cortinas, één van de ‘dwaze moeders’. Zij kreeg het boek uitgereikt uit handen van Wim Rijsbergen, een voetballer van Oranje die de finale miste door een blessure. De vrouw verloor haar zoon. Rijsbergen was destijds in zijn eentje naar het Plaza de Mayo gefietst en ontmoette toen de moeders.

Maanda had de nu 59-jarige Luque in besloten kring het boek overhandigd aan prinses Máxima, wier vader destijd als onderminister van Landbouw deel uitmaakte van het regime-Videla. Wat Máxima heeft gezegd, is niet bekend. Luque zei dat hij niet met Máxima over haar vader had gesproken. „Je valt je eigen vader niet af”, zei hij gisteren. De Argentijn die destijds in de schaduw speelde van de grote sterren Mario Kempes, Osvaldo Ardiles en aanvoerder Daniel Passarella, stelt jaren later dat „in een land waar zulke verschrikkelijke dingen gebeuren niet gevoetbald mag worden”.

Luque zegt nu ook dat hij destijds van niets wist. Dat er naar schatting tussen de 20.000 en 30.000 mensen zijn vermoord, in elk geval zijn verdwenen, vernam hij pas later. „Ik voetbalde alleen maar”, verklaarde de spits van weleer. Luque, Ardiles, Ricardo Villa en René Houseman waren wel aanwezig tijdens de wedstrijd op 30 juni van dit jaar, waarin werd herdacht dat dertig jaar geleden Argentinië voor het eerst de wereldtitel won. Tijdens die herdenking, waar vooral werd stilgestaan bij de slachtoffers van de ‘vuile oorlog’ omhelsden de oud-wereldkampioenen een honderdtal moeders getooid met witte hoofddoekjes, die nog altijd demonstreren op het Plaza de Mayo. De voetballers maken zich tegenwoordig sterk voor de getroffen families.

De vraag is of het boek in Argentinië reacties losweekt. Mede omdat Máxima zich erbij betrok. Maar een groot deel van het Argentijnse volk lijkt liever de donkere tijd tussen 1976 en 1981 te willen verdringen. Videla, die lange tijd huisarrest had, is onlangs weer gevangen gezet. De herinnering leeft voort in het land, al is het in bescheiden mate. Ondanks de inzet van Luque en de dwaze moeders.

Voetbal in een vuile oorlog – Marcel Rözer en Iwan van Duren. Uitg. deBuitenspelers, 440 pagina’s, 39 euro.