Klopt die klereherrie wel, Jack de Vries?

Jack de Vries wilde graag snel twee testexemplaren van de Joint Strike Fighter kopen.

Om de Kamer mee te krijgen zei hij informatie te ontberen over een concurrerend model.

In het rijk van staatssecretaris Jack de Vries (Defensie, CDA) gaat de zon nooit onder. Althans, dat zou je denken afgaande op de glimlach die altijd op zijn gezicht staat gebeiteld. Meer nog dan bij andere staatssecretarissen hangt rond De Vries de geur van hulp-Sinterklaas. Dat komt omdat hij als langjarig vertrouweling van de premier een jaar geleden tussentijds mocht aantreden.

Vandaag wordt de begroting van Defensie besproken en De Vries kan een stevige uitbrander van de Tweede Kamer tegemoet zien. Dat heeft te maken met zijn hoofdpijndossier: de aanschaf van het nieuwe gevechtstoestel van de luchtmacht. Het gaat om de Joint Strike Fighter (JSF). Kost zes miljard euro, definitief besluit valt 2010. Staat in het regeerakkoord.

De Vries stevent al een tijdje af op een harde aanvaring met de Kamer. Niet omdat hij al een jaar lang glimlachend bezig is om het parlement het Amerikaanse gevechtstoestel door de strot te duwen. Nee: hij heeft onjuiste informatie verstrekt.

Hier hoort de lezer in gedachten sirenes loeien, want ‘onjuiste informatie’ staat gelijk aan een politieke doodzonde. Dat betekent bankje leegmaken, doos mee, plant mee: wegwezen. Waarom is dat eigenlijk een ‘politieke doodzonde’? Omdat de Tweede Kamer erop moet kunnen vertrouwen dat de informatie van het kabinet juist is: alleen zo kan de volksvertegenwoordiging de ministers en staatssecretarissen controleren. Blijkt kabinetsinformatie onjuist, dan is dat vertrouwen aan de orde.

Maar dat is allemaal niet gebeurd. De Vries zit er nog – de glimlach op zijn gezicht geschroefd. Wat is er aan de hand? Als onderdeel van de eindeloze reeks salamiplakjes waarin Defensie het JSF-project heeft veranderd, wil De Vries dat de Kamer toestemming geeft om alvast twee JSF-testvliegtuigen te kopen. Geheel vrijblijvend, natuurlijk.

Ondertussen mag de Kamer best nadenken of de Zweedse Saab Gripen Next Generation misschien wel beter of goedkoper is. De fracties van PvdA en ChristenUnie in de Kamer, die het kabinet steunen, hebben nu de enorme klereherrie die de JSF maakt (twee keer zoveel als de F-16) aangegrepen als hefboom om het aankoopbesluit uit te stellen. De Vries zei op 30 oktober dat nog niet bekend was of de Next Generation wel een stillere motor had dan de JSF. Tja, Saab liet per kerende post weten dat dit apekool was: onjuiste informatie.

Wat deed staatssecretaris De Vries toen? Hij gaf op 10 november in een briefje aan de Kamer toe: de informatie over de motor van de Saab was onjuist. Toen Jack de Vries nog gewoon spindoctor van premier Jan Peter Balkenende was, legde hij wel eens uit wat hij deed. Regel 1 was: ‘Lieg nooit’. Regel 2: ‘Geef slechts informatie die voor jou gunstig is’. Ofwel: de halve waarheid is beter dan een hele leugen.

En dat doet hij als staatssecretaris nu ook. In de brief schrijft De Vries dat de Defensieorganisatie wél weet welke motor in het nieuwe toestel van Saab zit. Maar dat hij daarvan als staatssecretaris „persoonlijk niet op de hoogte” zou zijn geweest, zodat hij het proces van kandidatenvergelijking niet kan beïnvloeden.

De Kamer is door dit alles niet erg blij met De Vries. Hij wil een tikje té handig zijn. Dat moet hij op zijn minst bekopen met tempoverlies. De regeringsfracties van PvdA en CU willen het besluit over de aanschaf van de testvliegtuigen drie maanden uitstellen. En gisteren nam de Kamer een motie aan van D66 om bij het kopen van een toestel ook op geluid te letten. Dat komt neer op vertraging. Met dank aan de ‘hagelslagcoalitie’: alle linkse oppositiepartijen plus PvdA en ChristenUnie.

En dat is ook beter. Defensie onderzoekt op dit moment wat de krijgsmacht in 2020 nodig heeft en wat dat moet kosten. In 2010 kiezen voor het JSF-project betekent dat die ‘strategische verkenning’ niet serieus genomen wordt. Het is mooi dat ambtenaren de toekomst verkennen maar over de keuzen voor de toekomst van de krijgsmacht moeten politieke partijen zich in hun verkiezingsprogramma uitspreken. Het gaat om een cruciaal onderdeel van het regeringsbeleid: over internationale aspiraties, over de NAVO, over vredesmissies, over imago en Europa. Over Nederlandse soldaten die vechten in den vreemde. Daarover moet de burger zijn oordeel kunnen geven. In plaats van de gretige uitvoerder te zijn van de wens van zijn ambtenaren zou Jack de Vries aan dat proces leiding kunnen geven. Hij zou kunnen promoveren van hulp-Sinterklaas tot serieus bewindspersoon.

Reageren? Ga naar nrc.nl/politblog