Stimuleringsplan biedt Europa kansen

Duitsland heeft de grootste economie van Europa en is het hardst getroffen door de mondiale inzinking. Maar het land weerstaat oproepen van andere Europese regeringen om een grotere rol te gaan spelen in een gezamenlijk stimuleringsplan dat de Europese Commissie naar verwachting deze week zal presenteren. De Duitse regering heeft al maatregelen genomen ter waarde van 32 miljard euro – grofweg 1 procent van het bruto binnenlands product – ter stimulering van de economie. Maar zij zou meer moeten doen, al was het maar om Europa een kans te geven.

In veel opzichten moet Duitsland nu boeten voor zijn prestaties uit het verleden. De sterke positie van de Duitse export op de wereldmarkt heeft het land bijzonder kwetsbaar gemaakt voor de wereldwijde groeivertraging. En de begrotingsdiscipline van de regering-Merkel, met het doel om in 2011 schuldenvrij te zijn, biedt haar enige manoeuvreerruimte. Dat geldt niet voor landen als Frankrijk en Italië, die zwakkere exportsectoren kennen en in goede tijden geen werk hebben gemaakt van het aanpakken van hun staatsschulden en begrotingstekorten.

De Duitse zorgen verdienen zeker aandacht. De Europese Commissie moet erop staan dat de begrotingsdiscipline niet aan de wilgen wordt gehangen. De tijdelijke aard van de uitzonderingen moet worden onderstreept door een duidelijk plan om terug te keren naar een situatie van begrotingsevenwicht zodra de economie weer tekenen van leven geeft. Geldsmijters moeten zich vastleggen op serieuze hervormingen.

De Commissie zou Duitsland in dat geval om meer flexibiliteit kunnen vragen ten aanzien van stappen om de consumptie te stimuleren. Dat is wat de Duitse economie nu nodig heeft. Ondanks het verzet van Merkel is dat ook precies wat een btw-verlaging kan bewerkstelligen. Zorgen dat zo’n verlaging de Duitse consumptie niet zou baten en tot een hogere spaarquote zou leiden, lijken overdreven, zeker nu de rente op het laagste peil sinds jaren staat.

De Commissie wil de economie aanjagen door de regionale en de structuurfondsen eerder van geld te voorzien dan was begroot – met andere woorden, door binnen twee jaar uit te geven wat voor de komende vijf jaar in de boeken staat. Maar de vuurkracht van de Commissie is beperkt. De huidige recessie biedt Europa kansen om naast het voeren van een gemeenschappelijke munt ook tot een gemeenschappelijk beleid te komen – of daar althans een begin mee te maken.