VS focussen op Afghanistan

Nieuwsanalyse

De VS sturen de komende anderhalf jaar duizenden extra militairen naar Afghanistan. Ze nemen er de leiding stevig in handen.

Bedankt, wij nemen het nu wel weer van u over. Zo zou je de verhoudingen tussen de Verenigde Staten en hun NAVO-bondgenoten in Afghanistan nu kunnen omschrijven.

De afgelopen jaren hebben de Amerikaanse strijdkrachten, overbelast door de strijd in Irak, het slagveld in het gevaarlijke zuiden van Afghanistan aan de Europeanen en de Canadezen gelaten. Maar met het aantreden van president Barack Obama zullen de VS de leiding weer stevig in handen nemen.

Obama heeft tijdens zijn campagne al duidelijk gemaakt dat de oorlog in Afghanistan wat hem betreft het belangrijkste front is in de strijd tegen het terrorisme en daarom meer aandacht en ook meer troepen moet krijgen. De regering-Bush treft al voorbereidingen voor een versterking in de komende 12 tot 18 maanden, onder meer met het oog op de Afghaanse presidentsverkiezingen in 2009.

De Nederlandse minister van Defensie Van Middelkoop (CU) sprak dit weekeinde in het NOS-Journaal van 25.000 à 30.000 extra Amerikaanse militairen. Van Middelkoop zei dit na afloop van een bijeenkomst in Canada van de ministers van Defensie van landen met troepen in het zuiden van Afghanistan. De Amerikaanse minister Gates gaf daar tekst en uitleg over Obama’s plan voor een Afghaanse versie van ‘The Surge’, zoals de Amerikaanse troepenversterking in Irak wordt genoemd.

In 2007 slaagde de Amerikaanse generaal Petraeus er met tienduizenden extra militairen in om de situatie in Irak te stabiliseren. De komende jaren, zo hebben de VS aangekondigd, zal het aantal militairen in Irak worden afgebouwd. De vrijgekomen militaire capaciteit kan Petraeus – die als commandant van het ‘Centrale Commando’ in Qatar inmiddels de militaire leiding over de Amerikaanse operaties in beide landen heeft – inzetten tegen de oprukkende Talibaan.

In de afgelopen jaren leidde het soms halfslachtige optreden van de Europese NAVO-partners tot irritatie in Washington. De Amerikanen hebben geprobeerd de anti-terreuroperatie Operation Enduring Freedom (OEF) samen te voegen met de stabilisatiemissie van de NAVO, ISAF. Maar de pogingen liepen stuk op Europese vrees voor slachtoffers en weerzin tegen de harde manier waarop de VS de ‘oorlog tegen terreur’ voeren, die ten koste zou gaan van de pogingen de ‘hearts and minds’ van de Afghanen te winnen.

Vervolg Afghanistan: pagina 5

VS staan achter NAVO-aanpak

De afgelopen jaren is de NAVO-stabilisatiemacht ISAF langzamerhand uitgebreid van de stadsgrenzen van Kabul tot heel Afghanistan. Maar anders dan de Amerikanen wilden, zijn ISAF en ‘OEF’ gescheiden operaties gebleven, zij het nu wel onder één commandant in Kabul.

ISAF-troepen opereren onder een beperkter mandaat, en onder regels die meer beperkingen stellen aan het gebruik van geweld. Elke NAVO-partner heeft zijn eigen ‘caveats’ (voorbehouden) ingebouwd: sommige Europese NAVO-troepen mogen bijvoorbeeld niet na zonsondergang van de basis af, andere mogen alleen in uitzonderlijke gevallen worden ingezet buiten het hun toegewezen gebied. Grote NAVO-landen als Duitsland, Spanje en Italië, hebben tot nu toe geweigerd troepen te stationeren in het gevaarlijke zuiden en oosten van Afghanistan.

Nederland heeft dat wél gedaan. Samen met Canada (de provincie Kandahar) en Groot-Brittannië (Helmand) heeft Nederland de verantwoordelijkheid genomen voor het heartland van de Talibaan. Vooral Nederland heeft daarbij benadrukt een andere koers te willen volgen dan de Amerikanen. In een brief aan de Tweede Kamer noemde toenmalig minister van Defensie Henk Kamp (VVD) in 2005 de Amerikaanse operatie Enduring Freedom zelfs ‘contraproductief.’

Nederland ging het anders doen in Uruzgan. Afghanen moesten niet onder dreiging van geweld, maar door de verleiding van grotere veiligheid en economische welstand worden ‘losgeweekt’ van de Talibaan. Volgens de Nederlandse regering begint deze strategie inmiddels zijn vruchten af te werpen. Sinds het begin van de missie in Uruzgan heeft de landmacht voortdurend gevechten moeten leveren met Talibaanstrijders. Maar de afgelopen maanden lijkt de situatie binnen de Nederlandse invloedssfeer enigszins gestabiliseerd.

Maar in het Nederlandse verhaal wordt altijd één cruciaal element buiten beschouwing gelaten: Nederlandse troepen controleren nog niet eens de helft van Uruzgan. Nederlandse militaire planners lieten al tijdens de voorbereiding van de missie weten dat de Nederlandse troepensterkte (1.000 à 1.200 militairen) onvoldoende zou zijn. Op dringend verzoek van toenmalig minister Kamp bleven Amerikaanse commando’s gestationeerd in de twee noordelijke bases ‘Cobra’ en ‘Anaconda’.

Terwijl binnen de Nederlandse ‘inktvlek’ de eerste resultaten van het Nederlandse 3D-beleid (Defense, Diplomacy, and Development) langzaam zichtbaar werden, regende het in de plaatsjes Ushai en Khas Urugzan bommen van Amerikaanse gevechtsvliegtuigen. Mensenrechtenorganisaties als Human Rights Watch hebben altijd duidelijk laten weten: wil het Westen succesvol zijn in Afghanistan, dan zal het bescherming moeten bieden aan de bevolking – niet zozeer door vechten, maar wél door meer ‘troepen op grond’.

De NAVO-partners van de Amerikanen, met hun relatief kleine bijdragen, zijn hier de afgelopen jaren niet geslaagd. In oktober 2008 bedroeg de totale sterkte van ISAF iets meer dan 50.000 militairen. Daarvan waren al ruim 20.000 soldaten afkomstig uit de VS. Met de komst van 25.000 tot 30.000 extra Amerikaanse soldaten in de komende twee jaar zal de ISAF-missie vooral Amerikaans worden.

De Amerikanen zullen zich aansluiten bij de succesformule van ISAF, zegt een woordvoerder van minister Van Middelkoop. Tijdens de bijeenkomst in Canada zouden de VS zich „onvoorwaardelijk” achter de NAVO-aanpak in het zuiden van Afghanistan hebben geschaard.

Nederland geeft in 2010 de leiding in Uruzgan uit handen. De Canadezen vertrekken in 2011 uit Kandahar. „Daarmee”, zegt de woordvoerder Van Middelkoop, „verlies je wel enigszins het recht van spreken.”