Nationale kampioen

Een nieuwe naam ontbreekt nog. Maar Algemene Bank Nederland zou een prima samenvatting zijn voor de bank die alsnog ontstaat uit de resten van ABN Amro en Fortis Nederland. Minister Bos (Financiën, PvdA) presenteerde de fusie vrijdag, en benoemde als grootaandeelhouder ook meteen zijn voorganger Zalm als de nieuwe topman.

Zo houdt de Nederlandse bankenmarkt de kenmerken van een oligopolie. De grootbanken ABN Amro, ING en Rabo domineerden sinds de vorige fusiegolf van rond 1990 gedrieën de Nederlandse financiële sector. Nu de opkomende concurrent Fortis samengaat met ABN Amro verandert daar niets aan. Zakelijke klanten en consumenten kunnen wel terecht bij kleinere mededingers, maar in essentie blijft de markt verdeeld tussen de drie grote spelers. Die situatie zou overigens ook zijn ontstaan als de kredietcrisis er niet was geweest en Fortis zijn oorspronkelijke overnameplan van zijn deel van ABN Amro had kunnen uitvoeren.

Er zijn twee aspecten aan de huidige situatie die een ongemakkelijk gevoel geven. De eerste is het aloude dilemma voor kleine economieën als de Nederlandse. Het kweken van ‘nationale kampioenen’ die groot genoeg zijn om op de internationale markt te kunnen concurreren, houdt vaak in dat zij op hun thuismarkt een dominante positie innemen. Een Duitse bank met een binnenlands marktaandeel van tien procent is even groot als een Nederlandse bank met een binnenlands marktaandeel van vijftig procent. Een fusie tussen ING en ABN Amro, die twee jaar geleden een van de alternatieven was, zou een onkwetsbare reus hebben opgeleverd, maar wel een waarvan de voetstap tweederde van de kaart van Nederland zou hebben bedekt.

Het tweede aspect is dat het altijd al de overheid was, inclusief de EU-autoriteiten, die de afweging tussen de minimale omvang en de maximale marktmacht in de gaten moest houden. Maar die overheid is nu als grootaandeelhouder zelf actor geworden. Is de staat de beste beslisser? Wellicht niet. Maar wie de parade van stupiditeiten beziet die tot de ‘Werdegang’ van ABN Amro en Fortis heeft geleid, moet onderkennen dat de ‘markt’ in dit geval ook heeft gefaald.

De overheid heeft bovendien niet om de rol van grootaandeelhouder gevraagd: die positie is haar opgedrongen door de omstandigheden. Als er voor de delen van Fortis op de korte termijn geen geloofwaardige buitenlandse koper is, dan is het samenvoegen van ABN Amro en Fortis op dit moment de minst slechte optie. Het is eveneens een verdedigbare keuze om daar een objectieve, relatieve buitenstaander als Zalm aan het roer te zetten. De statuur van de oud-minister, die bij DSB inmiddels ervaring met commercieel bankieren heeft opgedaan, is nog altijd zeer groot.

Vooralsnog moeten de beslissingen die Bos over de staatsbank ABN Amro-Fortis (of hoe deze bank in de toekomst ook zal worden genoemd) heeft genomen, worden gesteund. Maar hoe eerder de bank weer in particuliere handen is, hoe beter dat is. En hoe duidelijker dat is.