In het aardedonker in de Gazastrook

Op een enkele leverantie na houdt Israël grenzen met de Gazastrook dicht voor noodhulp.Omdat er vanuit het gebied weer raketten op Israël worden afgeschoten, zegt het.

„Het is donker, echt aardedonker”, zegt freelance journalist Ashraf al-Sourani door de telefoon. Zes tot acht uur per dag is er elektriciteit in zijn huis, in het centrum van Gazastad. Nu, op zondagavond, heeft zijn gezin toevallig weer pech. „Maar ik heb nog het voordeel dat ik in Gazastad woon. Ik heb mensen uit het nabijgelegen vluchtelingenkamp Jabaliya op bezoek, daar is bijna helemaal geen stroom meer. Die zijn blij dat ze nog even in het licht hebben gezeten.”

Gesprekken met inwoners van de geïsoleerde Gazastrook kunnen alleen telefonisch gevoerd worden. Sinds het Israëlische leger op 4 november de grenzen weer sloot, laat het diplomaten en journalisten niet meer toe tot het gebied. Ook voor noodhulp zitten de grensovergangen dicht, sinds het bestand tussen Hamas en Israël in en rondom de Gazastrook begin deze maand min of meer opgeblazen is.

Begin deze maand viel het Israëlische leger het Palestijnse gebied binnen, omdat er een tunnel zou zijn ontdekt waardoor Israëlische militairen kunnen worden ontvoerd. Sindsdien zijn vijftien tot twintig Palestijnen gedood bij gewapende acties en is een onbekend aantal Israëliërs en Palestijnen gewond geraakt. Hamas’ gewapende vleugel, de Qassambrigades, schieten weer raketten af naar Israël. Dit weekeinde werden er volgens het Israëlische leger vier raketten en mortieren afgeschoten.

Israël zegt dat het te gevaarlijk is om de grensovergangen met de Gazastrook open te houden. Militanten vanuit Gaza zouden mogelijk een aanval kunnen beramen op de grensposten, en Israëliërs kunnen ontvoeren. Daarnaast, zegt Israël, kunnen bezoekers aan de Gazastrook getroffen worden door Qassamraketten of mortiergranaten, die weer met enige regelmaat uit de Gazastrook afgeschoten worden op Israëlisch grondgebied. Bovendien, zei minister Livni van Buitenlandse Zaken dit weekeinde tegen VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon, leveranties aan Gaza „kunnen niet doodleuk gewoon doorgaan”, zolang Israëliërs het doelwit van raketten zijn.

Vandaag zijn voor het eerst sinds weken tien vrachtwagens met noodhulp, voornamelijk voedsel, toegelaten. Volstrekt onvoldoende, zegt woordvoerder Chris Gunness van de VN-organisatie UNRWA, die de hulp in Gaza coördineert. „Zelfs voordat het bestand gesloten werd, kwamen er iedere dag ongeveer zeventig vrachtwagens binnen. Met het voedsel van vandaag kunnen we een beetje nood lenigen, maar er is dringend behoefte aan veel meer.”

Volgens gegevens van UNRWA is bijna de helft van de inwoners van Gaza afhankelijk van noodhulp. Voedsel komt op zich wel binnen in de Gazastrook, via de smokkeltunnels met Egypte. Maar lang niet iedereen kan zich de hoge prijzen op de zwarte markt veroorloven. Gunness: „Hier speelt zich langzamerhand een humanitair drama af. Er is nu aan werkelijk alles een tekort. Voedsel was al een groot probleem, maar nu vallen de elektriciteitscentrales ook grote delen van de dag uit, omdat er geen brandstof meer is om die draaiende te houden.”

Brandstof voor de elektriciteitscentrales van Gaza, door de Europese Unie geleverd, mocht tot vandaag het gebied ook niet in. Bijna eenderde van de bevolking is van deze stroom afhankelijk. Vergeet ook niet, zegt journalist Ashraf al-Sourani, dat lokale bakkerijen ook elektriciteit nodig hebben om brood te bakken. „Het gaat hier dus, zoals altijd in Gaza, van kwaad tot erger. Mensen lopen stad en land af op zoek naar brood; dat is in sommige plekken in Gaza bijna niet te krijgen.”

Mkhaimer Abu Sada, hoogleraar politieke wetenschappen aan de al-Azhar Universiteit van Gazastad, zegt dat het dagelijks leven aan zijn universiteit gewoon doorgaat. „Sommige studenten die verder weg wonen slagen er niet in om te komen, omdat de benzineprijzen weer sterk zijn gestegen. De elektriciteit is nu een groter probleem. Ik geef altijd college van drie tot zes, maar na vijf uur sta ik in het donker. Dan stuur ik de studenten maar weer naar huis.”

Volgens Abu Sada, een partijloze politiek waarnemer, zit Hamas met een dilemma. De fundamentalistisch-islamitische beweging die nu bijna anderhalf jaar de macht in Gaza heeft, vond dat het de Israëlische inval niet op zich kon laten zitten. „Maar de spiraal van geweld is evenmin in Hamas’ voordeel. Militair kan het niet tegen Israël op, en de eigen bevolking ervaart de gevolgen.”

Op 19 december loopt het in principe nog bestaande bestand tussen Israël en Hamas af. Via bemiddeling van Egypte – Israël beschouwt Hamas niet als gesprekspartner – onderhandelen beide partijen over verlenging. Beide partijen zeggen bereid te zijn een nieuw bestand te sluiten. Voor Hamas is een nieuwe strijd weinig aantrekkelijk, al zegt de beweging dat het zich heeft versterkt tijdens de maanden van rust.

Gisteren praatten vertegenwoordigers van Hamas met collega’s van andere lokale strijdgroepen over een nieuwe strategie. „Breed leeft het gevoel dat terugkeer naar de situatie van tijdens het bestand het meest wenselijk is”, zegt Abu Sada. „Dat betekent een einde aan de raketbeschietingen, en in ruil een onmiddellijke heropening van de grenzen.”