Welke grenzen van Israël moeten precies veilig zijn?

De heer Voordewind van de ChristenUnie stelt ferme eisen: de grenzen van Israël moeten veilig en erkend zijn (NRC Handelsblad, 12 november). Hij weet kennelijk niet dat het de Israëlische regering zelf is die tot op de dag van vandaag geweigerd heeft aan te geven waar die grenzen zouden moeten lopen. Reeds sinds maart 2002, toen in Beiroet de Arabische staten bij elkaar kwamen, ligt er een volledig Arabisch vredesaanbod op tafel met de garantie van veilige grenzen binnen de groene lijn en volledige diplomatieke betrekkingen. Dit aanbod is herbevestigd in 2007, maar door Israël niet aanvaard.

Een andere opmerking van de heer Voordewind die te betreuren is, betreft zijn bewering over Samaria als deel van het hart van Israël. Hij zou toch op de hoogte moeten zijn van de tekst in Lucas 10:25-37, waarin met verbazing wordt geconstateerd dat een door rovers overvallen en zwaar toegetakelde man niet geholpen wordt door een (Joodse) priester noch door een Leviet, maar uiteindelijk door een Samaritaan, een niet-Joodse man behorend tot het Samaritaanse volk. Ook in de onder internationale Joodse redactie - inclusief Israëlische redacteuren - uitgegeven Lexikon des Judentums (1970) wordt vermeld dat na de verovering van Samaria door de Assyriërs, dat was in 722 v.C. (sic!), er hoofdzakelijk niet-Joden woonden. Hoe lang geleden mag je uit een land verdwenen zijn om nog het recht van terugkeer te houden? En hoe zit dat dan met de zestig jaar geleden verdreven Palestijnen?