Rust roest

Zes zonen en drie dochters en vol was het geboorteaangifteboekje. Voor dit negental kocht vader Versluis uit het godsvruchtige Ameide een tafelbiljart met de kleinste buitenmaten. En waren de ouders uithuizig, dan werd er driftig, als was het een stiekeme zoektocht naar verstopte Sinterklaaspresentjes, naar de sleutel van de biljartkamer gezocht. In de oorlog werd er op de afgedekte speeltafel gegeten. Biljartles heeft Paul (78) nooit gehad, hij leerde het spelletje door naar hoe anderen het deden te kijken. Vlocht rieten manden, werkte in een zwembad, was kastelein en dertig jaar lang en tot aan zijn pensioen de locale postbode. Speelde in 1976 te Gorinchem zijn eerste officiële libre wedstrijd en brandde na zijn vijftigste pas echt los, stortte zich met de zegen van zijn (vaak meereizende) echtgenote in het competitiegebeuren en werd in 1979 Nederlands kampioen extra libre klasse. Richtte in datzelfde jaar in zijn geboortedorp een biljartvereniging op die nu de naam ’t Wapen draagt. Waar Paul nog steeds en met veel plezier in het eerste team libre speelt. Met een moyenne van 20.80 en een aantal caramboles van driehonderd. Geeft geduldig les aan een ieder die tracht zijn spelpeil te verbeteren. Speelt door tot het moment dat hij om zich heen hoort fluisteren: hé, daar heb je die ouwe weer! Het signaal en de allerhoogste tijd om er mee op te houden.

Aflevering acht in een serie over sportbeoefening op leeftijd.