De contouren van een nieuwe onderklasse

De overheid heeft voor particulieren een fiscale vrijplaats geschapen om personeel in dienst te nemen. Dat opent interessante mogelijkheden voor artsen en advocaten.

Om iets te doen aan een ongecontroleerd zwart circuit in de sfeer van de huishoudelijke diensten heeft het kabinet regels versoepeld. De overheid kiest voor legaliseren, omdat huis-aan-huiscontrole onbegonnen werk is. Die benadering is politiek omstreden.

De omzetting van gedoogsteun voor de zwarte werkster naar formele acceptatie als witte werkster roept volgens GroenLinks „aan de onderkant van de arbeidsmarkt nog een onderklasse op”.

Volgens de SP komen de soepele regels neer op „het werven van dienstverleners voor hofhoudingen en het behagen van de elite”. Aan de andere kant van het politieke spectrum is het stil; de VVD zwijgt over de witte werkster.

De onlangs verder versoepelde regels garanderen elke particulier, die andere particulieren inschakelt voor huishoudelijke taken, een vrijstelling van fiscale verplichtingen. Daarmee zijn de huishoudelijke diensten een fiscale vrijplaats voor de particuliere werkgever. De werknemer, de werkster, alfahulp of tuinman zelf, houdt wel alle fiscale verplichtingen. Het verdiende geld moet men voor de inkomstenbelasting aangeven als ‘resultaat van overige werkzaamheden’; de betrokkene is niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen zoals de WW en de WIA.

Men kan ook een uitzendbureau of bijvoorbeeld een hoveniersbedrijf inschakelen. Het tarief ligt dan op ongeveer 20 euro per uur. De officiële ‘Regeling dienstverlening aan huis’ biedt een alternatief voor (iets meer dan) de helft van die prijs. Dan moet men zelf de hulp rekruteren. Goede contacten op het buurthuis kunnen helpen evenals marktplaatsen op internet kunnen uitkomst bieden.

Een tussenweg is het inschakelen van een bemiddelingsbureau dat een geschikte hulp zoekt. Die moet men dan zelf betalen, doorgaans 12,50 euro per uur. De bemiddeling kost eenmalig ongeveer 50 euro.

Het kan gaan om verzorging die men betaalt uit een persoonsgebonden budget (PGB) van de AWBZ. Bemiddelingsbureaus zoeken met evenveel plezier hulp voor mensen die het te druk hebben om te stofzuigen. Ook voor de vrijstelling maakt het motief niets uit.

De fiscale regeling gaat veel verder dan alleen huishoudelijke hulp. Ze betreft alle werk in en rond het huis: schoonmaken, koken, kinderoppas, hond uitlaten, kleine reparaties aan het huis of de auto, tuinonderhoud, schilderen of rijden als privéchauffeur.

De dienstverlener mag niet meer dan drie dagen per week bij u werken, ongeacht of het werk op een dag één uur duurt of acht. De regeling geldt dus niet als vier dagen één uur wordt gewerkt; de vrijstelling geldt wel voor drie dagen tien uur werk. De dienstverlener mag voor meer mensen werken; de opdrachtgever mag meer mensen inhuren.

Het is echter essentieel dat zowel opdrachtgever als dienstverlener een particulier is; btw speelt daardoor geen rol. De opdrachtgever moet ten minste het wettelijk minimumloon betalen: per uur ongeveer 7,50 euro, afhankelijk van de leeftijd.

Onder bepaalde omstandigheden kunnen mensen met een vrij beroep met een praktijk aan huisde hulp voor de praktijk inzetten. Het werk daarvoor mag dan hooguit 40 procent van de totale werktijd beslaan. Dat lastig controleerbare criterium opent voor bijvoorbeeld artsen en advocaten ruime mogelijkheden de schoonmaakster, tuinman of chauffeur voor gemengde diensten op drie (vaste) dagen aan te nemen, zonder de rompslomp van een echte werknemer.

Buiten de grenzen van de vrijstelling gelden ook voor particulieren de gewone regels waar werkgevers aan moeten voldoen. Overigens zijn die voor personeel aan huis veel simpeler dan voor andere werknemers.

Men hoeft maar één keer per jaar aangifte voor de loonheffing te doen. Evenzogoed moet men een loonadministratie bijhouden, al is die iets eenvoudiger dan de gebruikelijke.

Aertjan Grotenhuis

Meer informatie op www.nrc.nl/geld