Vergeef hen, want hun hersens zijn nog niet af

Eveline Crone: Het puberende brein. Over de ontwikkeling van de hersenen in de unieke periode van de adolescentie. Bert Bakker, 180 blz. €17,95 **

Pubers zijn emotionele, impulsieve wezens die ’s ochtends niet uit hun bed kunnen komen en er ’s avonds niet in willen. Het ene moment verbazen ze hun ouders met verstandige, volwassen opmerkingen, en het volgende moment gedragen ze zich als een stampvoetend klein kind. Zo gaat dat al eeuwen. Maar dankzij allerlei moderne hersenscantechnologie leren we steeds beter hoe het komt. Het is niet zomaar een kwestie van de kont tegen de krib gooien. Het komt vooral doordat verschillende delen van de hersenen zich tussen het tiende en twintigste levensjaar nog steeds enorm ontwikkelen. Dat is een vrij jong inzicht; vroeger dacht men dat de hersenen van een zesjarige al ‘af’ waren. Niet dus.

Zo is bij pubers het beloningssysteem in de hersenen al heel actief, maar het werkt nog niet goed samen met dat deel van de hersenen waar rationeel wordt nagedacht. Gevolg: pubers zijn enorm gevoelig voor de mogelijkheid dat er iets leuks gaat gebeuren en ze nemen makkelijk risico’s – ook al kunnen ze later, als je ze even apart neemt, best beredeneren dat dat niet verstandig is. Maar het volgende moment is een verleiding toch weer moeilijk te weerstaan.

Eveline Crone is een van de toponderzoekers op het gebied van de puberhersenen. Ze staat aan het hoofd van het Leidse Brain & Development Lab in Leiden.

In Het puberende brein beschrijft ze vol enthousiasme de nieuwste onderzoeksresultaten op dit gebied. Maar haar toon is veel te academisch: ze schrijft veel meer over onderzoek dan over pubers. Een zin als ‘In de adolescentie vinden veranderingen plaats in zowel de primaire als secundaire emotionele beleving’ mag in een boek voor het grote publiek niet voorkomen.En een zin als ‘De hersenen bevinden zich in de schedel van het hoofd en zijn een uiterst complex orgaan’ hoort in geen enkel boek thuis.

Dat is Crone misschien niet echt aan te rekenen, populair schrijven is niet haar belangrijkste werk. Maar je gunt zo’n goede onderzoeker toch een goede eindredacteur. Iemand die weet dat je soms best ‘pubertijd’ mag schrijven in plaats van ‘puberteit’, maar dat ‘in de pubertijd komen’ nergens op slaat.

Ellen de Bruin