Egypte vreest shi'itisch 'gevaar'

In het overwegend sunnitische Egypte groeit de bezorgdheid over groeiende shi’itische invloeden. Dat heeft te maken met angst voor Iran.

Taha (28) weet het zeker: Iran probeert zieltjes te winnen in Egypte. Hoe komt hij daarbij? Omdat hij laatst op internet deelnam aan een Yahoo-chatgroep en hem werd gevraagd wat hij van shi’itische denkbeelden afwist. „Dat was natuurlijk een poging om mij te bekeren”, zegt hij stellig op een druk terras in het stadscentrum. Naast hem zit zijn vriend Mustafa (26) die zegt hetzelfde te hebben meegemaakt. „Ik was met een onbekende vrouw over seks aan het chatten, maar zij vroeg me plotseling wat ik van shi’ieten vond”, vertelt hij. „Zie je wel”, reageert Taha. „Teheran stuurt Arabischtalige experts op het internet om jonge Arabische mannen te bekeren.”

Hun verhaal is tekenend voor de groeiende angst in Egypte voor shi’itische invloed. De twee vrienden vertelden hun verhaal nog voordat de Egyptische sjeik Yusuf Qaradawi, een van de meest vooraanstaande sunnitische schriftgeleerden, vorige maand Iran ervan beschuldigde de sunnitische landen te infiltreren door de shi’itische leer te verspreiden. Volgens de in Qatar gevestigde sjeik probeert Teheran daarmee de politieke invloedssfeer te vergroten. De verdenking dat Egypte doelwit zou zijn van deze expansiedrang zorgde voor veel ophef.

Qaradawi’s woorden vinden in Egypte opvallend veel bijval. Een staatskrant schreef dat de waarschuwing geen moment te vroeg was gekomen. Ook veel schriftgeleerden van de vooraanstaande sunnitische leerinstelling Al-Azhar volgden met de waarschuwing dat Egypte overspoeld zal worden door een shi’itische vloedgolf.

Volgens de meeste analisten is de shi’itische aanwezigheid bijna verwaarloosbaar op het totaal van tachtig miljoen inwoners van wie naar schatting 90 procent sunnitisch is en 10 procent christen. Maar volgens Qaradawi is een groeiend aantal Egyptenaren heimelijk shi’itisch geworden waardoor het gevaar veel groter is dan de schattingen suggereren.

Veel seculiere intellectuelen hebben de uitlatingen van de sjeik veroordeeld. Door het gevaar van bekeringen te overdrijven is er argwaan ontstaan binnen en tussen families en gemeenschappen. „Hij lokt sektarische spanningen uit”, zegt Hossam Bahgat, hoofd het Egyptische Instituut voor Persoonlijke Rechten (EIPR).

Volgens de grondwet mag er vrijheid van geloofsovertuiging zijn in Egypte, maar het wantrouwen tegenover shi’ieten heeft in het verleden al geregeld geleid tot arrestaties door de staatsveiligheidsdienst. „Ze worden er doorgaans van beschuldigd agenten van Iran te zijn”, vertelt Bahgat die in de afgelopen jaren verscheidene shi’ieten juridisch heeft bijgestaan. President Hosni Mubarak verklaarde twee jaar geleden dat de meeste shi’ieten buiten Iran loyaal zijn aan Teheran in plaats van hun eigen land. Bahgat: „Het wordt Egyptenaren aangeleerd om shi’ieten te wantrouwen.”

Juist omdat er in Egypte nauwelijks shi’ieten zijn, werd de tegenstelling tussen sunnitisch en shi’itisch tot dusverre doorgaans veel minder scherp gesteld dan in de Arabische Golfstaten waar grote shi’itische minderheden leven. „Egyptenaren hebben juist veel weg van shi’ieten”, zegt Mohammed al-Derini, zelfverklaard leider van de raad van Egyptische shi’ieten. „Egyptenaren zijn erg gehecht aan de familie van profeet Mohammed.”

Derini is twee keer maanden gevangen gezet op verdenking van missiewerk en ondermijning van de staat. De laatste keer was in 2007 toen hij naar eigen zeggen in de gevangenis is gemarteld. Nu wordt hij geregeld bij de autoriteiten geroepen om inlichtingen te verstrekken over verdachte shi’ieten. Hij beschuldigt Saoedi-Arabië ervan de Egyptische publieke opinie op te ruien. „De Saoediërs willen dat het Egyptische volk de shi’iet als vijand ziet, want anders zou Egypte wel eens een bondgenoot kunnen worden van hun aartsvijand Iran”, aldus Derini. Anti-shi’itische propaganda, zoals de goedkope boekjes die buiten veel moskeeën worden verkocht, wordt gefinancierd door stichtingen in Saoedi-Arabië. „De wahabieten vinden de Egyptische sunnieten niet sunnitisch genoeg.”

Hij zegt dat de haatcampagne in een stroomversnelling is gekomen sinds de uitbarsting van het sektarische geweld in Irak. „Toen bleek dat Iran zich actief bemoeide met de toekomst van het buurland zijn de sunnitische landen zenuwachtig geworden”, aldus Derini. Na de komst van duizenden Iraakse, veelal shi’itische vluchtelingen in October City, een satellietstad ten westen van Kairo, ontstond de angst voor een vijfde colonne. „Bewoners zien dat de Irakezen hele moskeeën overnemen.”

„Het gaat niet om religieuze haarkloverij, maar om pure machtspolitiek”, zegt Amr al-Shobaki, onderzoeker bij de denktank Al-Ahram in Kairo. Iran is sinds de islamitische revolutie in 1979 door de Egyptische gevestigde orde als een bedreiging gezien. Dat Egypte de gevallen sjah opving en vrede sloot met Israël, werd door Iran gezien als hoogverraad.

Iraanse avances in de afgelopen jaren zijn door Kairo koel ontvangen. „Enerzijds is dat omdat Washington daar geen groen licht voor geeft, maar tegelijk vreest het Egyptische regime een groeiende populariteit van Iran onder de eigen bevolking”, meent Shobaki. „Het Iraanse verzet tegen de Verenigde Staten en het verzet van de door Iran gesteunde shi’itische beweging Hezbollah in Libanon tegenover Israël, dwingen bij de Egyptische burger respect af.”

„Hezbollah-leider Nasrallah is hier een stuk populairder dan Mubarak”, lacht Derini. Maar dat wil volgens hem niet zeggen dat Egyptenaren massaal shi’iet worden. „Als het aantal shi’ieten in Egypte al toeneemt dan hebben het Egyptische regime en de fundamentalistische sunnieten dat alleen maar aan zichzelf te danken.”