De aanval kwam na een lange dag vasten

Hoofdaanklager Ocampo pakt nu alle grote partijen in het conflict in Darfur aan.

De rechters moeten nu beslissen of er voldoende bewijs is voor een strafproces.

Ze hadden hun eerste maaltijd na een dag vasten wegens de ramadan nog niet gegeten. Bij zonsondergang op zaterdag 29 september 2007 vielen ongeveer duizend rebellen met zware wapens zo’n 150 vredessoldaten aan in een kamp van de Afrikaanse Unie (AU) aan de rand van het dorpje Haskanita in de Soedanese regio Darfur. De eerste aanval wisten de vredestroepen af te slaan. Maar de rebellen keerden terug en zondagochtend hadden ze de overhand gekregen. Zeker tien AU-soldaten uit Nigeria, Botswana, Senegal en Mali waren dood.

De hoofdaanklager van het Internationale Strafhof (ICC) in Den Haag wil drie rebellenleiders vervolgen die volgens hem verantwoordelijk zijn voor de moord. In een persverklaring zei hoofdaanklager Luis Moreno-Ocampo gisteren dat er „redelijke grond is om te geloven dat deze leiders de criminele verantwoordelijkheid dragen voor moord, het aanvallen van vredeshandhavers en plundering”, alledrie oorlogsmisdaden. Bij deze bloedigste aanval op vredesmilitairen in Darfur zijn volgens Ocampo twaalf militairen gedood.

De rechters van het hof, dat is opgericht voor de vervolging van de zwaarste oorlogsmisdadigers, moeten nu beslissen of Ocampo voldoende bewijs heeft ingediend voor een strafproces. Zij buigen zich sinds juli ook over Ocampo’s verzoek om een arrestatiebevel voor de Soedanese president Omar al-Bashir, wegens genocide in Darfur. Dat verzoek heeft geleid tot veel protest uit met name de Afrikaanse en Arabische wereld, maar ook uit bijvoorbeeld China; vervolging van Bashir zou vrede in Darfur nog moeilijker maken. Het is onbekend wanneer de rechters hun beslissing zullen nemen.

Opvallend is dat Ocampo niet openbaar maakt wie hij verdenkt, en tot welke rebellenbeweging de drie behoren. Ook meldt zijn verklaring niet of hij de rechters om arrestatiebevelen vraagt. Dit duidt erop dat hij geheime arrestatiebevelen wil, om de kans te vergroten dat de verdachten gearresteerd worden. Het Strafhof heeft geen eigen arrestatieteam en is dus afhankelijk van de medewerking van landen. In de meeste voorgaande zaken, inclusief die tegen Bashir, koos Ocampo voor openbare aankondigingen. Dat heeft niet altijd positief uitgepakt. Zijn eerste verdachten, de leiders van de Oegandese rebellenbeweging het Verzetsleger van de Heer, zijn sinds de aanklachten in 2005 voortvluchtig. De kans dat Bashir gearresteerd wordt is klein.

De aanval van vorig jaar kwam op een strategisch moment: aan de vooravond van door de Verenigde Naties en de AU geleide vredesbesprekingen over Darfur in Libië. De beschuldigingen vlogen over en weer, maar vrijwel alle aantijgingen gingen richting rebellen. Een AU-soldaat zei strijders te hebben herkend van SLA-Unity, een splintergroep van het oorspronkelijke Soedanese Bevrijdingsleger. SLA-leiders ontkenden. Volgens andere getuigen waren ook rebellen van de Beweging van Gerechtigheid en Gelijkheid (JEM) erbij betrokken. Beide groepen waren rond Haskanita verwikkeld in een hevige strijd met het regeringsleger, dat hun stellingen en dorpjes bombardeerde.

Doel van de aanval in 2007 was vermoedelijk roof. De aanvallers gingen er vandoor met zes gewapende voertuigen, jeeps, geweren en brandstof. Ook toen al was het conflict in Darfur een verwarde, smerige oorlog. Het verzet was in facties uiteengevallen. Rebellencommandanten in het veld namen, net als nu, beslissingen zonder overleg met bevelhebbers. Eigenbelang en banditisme spelen een even belangrijke rol als onvrede over de marginalisering van Darfur in Soedan, wat de oorspronkelijke oorzaak was van de opstand.

Door de rebellen te vervolgen, pakt hoofdaanklager Ocampo nu alle grote partijen in het conflict in Darfur aan. Eerder zijn al arrestatiebevelen uitgevaardigd voor een leider van de Arabische Janjaweed-milities en de toenmalige Soedanese onderminister voor Humanitaire Zaken.

Lees meer over het Strafhof op:nrc.nl/strafhof