Vraag en antwoord

Het Europees Parlement stemde vanmorgen over de ‘blue card’, bedoeld om de Europese Unie aantrekkelijk te maken voor hoogopgeleide arbeidskrachten van elders. Krijgt Europa een blue card, identiek aan de beroemde Amerikaanse green card?

De ‘blue card’ komt er wel, maar lijkt voorlopig niet op de Amerikaanse variant. De EU-landen besloten eerder al de ‘blue card’ te omkleden met belemmerende voorwaarden. Daardoor wordt het minder waarschijnlijk dat bijvoorbeeld ingenieurs uit India sneller voor Europa kiezen.

Met een akkoord tussen de grote sociaal-democratische en christen-democratische fracties sloot het Europees Parlement zich vandaag bij de lidstaten aan. Zo is de blue card niet automatisch voor de hele EU geldig, maar telkens voor één land. Na 18 maanden mag de Indiase ingenieur ook in een ander EU-land werken, tenzij daar een quotum voor ingenieurs van buiten de EU geldt dat reeds is overschreden. Ook mogen lidstaten „omstandigheden op de arbeidsmarkt” aanvoeren als reden om een blue card te weigeren.

„Teleurstellend”, vindt VVD-Europarlementariër Jeanine Hennis. „Europa had grote ambities, maar nu het erop aan komt vinden lidstaten én een groot deel van het parlement toch dat eigen arbeidsmarkten beschermd moeten worden. Onbegrijpelijk, want het tekort aan hoogopgeleide werknemers blijft groot, ondanks de financiële crisis.” Volgens Hennis heeft de ‘blue card’ in zijn huidige vorm weinig toegevoegde waarde ten opzichte van diverse nationale regelingen. Zo is Nederland soepeler dan waar de EU op aankoerst en slaagt het er steeds beter in hoogopgeleide arbeiders te werven, zegt zij.

Maar Emine Bozkurt van de PvdA ziet wel degelijk vooruitgang. „Ongeveer twintig landen hebben nog geen regeling, dus dit gaat Europa zeker helpen. Bovendien kunnen de voorwaarden later altijd nog worden versoepeld.”

Wilmer Heck

Ook een vraag over ‘Europa’? Mail: europa@nrc.nl