Sluiten? Er kan zelfs nog een coffeeshop bij

De meeste burgemeesters met coffeeshops in hun gemeente vinden gedogen geen probleem.

Morgen praten ze op de ‘wiettop’ in Almere over het drugsbeleid.

Vier weken geleden begon de discussie over het gedoogbeleid weer. Burgemeesters van randgemeenten als Bergen op Zoom en Roosendaal besloten alle coffeeshops te sluiten. De overlast van de duizenden drugstoeristen per week was niet meer te bestrijden. Het gedoogbeleid werd overboord gegooid en minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) sprak van een dapper besluit.

Maar is het beleid onhoudbaar? NRC vroeg het de 105 burgemeesters van gemeenten met een coffeeshop. De uitkomsten zijn opvallend: ze weerspiegelen niet de discussie op het Binnenhof. Met de stelling dat het gedoogbeleid niet meer goed te handhaven is, zijn 40 van de 66 burgemeesters die reageerden het niet eens, en 20 wel. Met de stelling dat meer coffeeshops dicht moeten, zijn 47 burgemeesters het niet eens, en 14 wel. Een enkele burgemeester wil er nog best een coffeeshop bij.

Ruim driekwart van hen wil dat het kabinet de bevoorrading van coffeeshops reguleert en de kweek van cannabis onder voorwaarden toestaat. Een kwart meent dat de maximale voorraad cannabis die coffeeshops in de zaak mogen hebben (500 gram) moet worden verhoogd. Van volledig vrijgeven van de markt zijn de burgemeesters geen voorstander.

Tegen de wens van het kabinet in willen de burgemeesters van onder meer Groningen, Utrecht, Eindhoven, Amersfoort, Nijmegen, Enschede, Den Bosch en Maastricht experimenteren met regulering van de ‘achterdeur’ van coffeeshops, de toelevering. Dan moet er wel strengere controle komen. „Meer controle op de aanvoer van softdrugs heeft geen nut zonder regulering”, schrijft burgemeester Westmaas van Meppel.

In het regeerakkoord van het kabinet-Balkenende IV staat dat coffeeshops nabij scholen en in grensgemeenten moeten worden ontmoedigd en dat er geen ruimte is voor experimenten.

Eerder deze maand pleitte CDA-fractieleider Pieter van Geel tijdens het congres van zijn partij voor het op termijn sluiten van alle coffeeshops. Hij zei dat het gedoogbeleid heeft gefaald. Op een conferentie in Almere, morgen, komen gemeenten bijeen om te praten over het coffeeshopbeleid.

Ook de burgemeesters van de vier grote steden zouden deze week samen het gedoogbeleid bespreken. Amsterdam heeft als enige van de vier de vragenlijst van deze krant niet ingevuld. De gemeente doet morgen zelf een mededeling over het gedoogbeleid.

De visie van de burgemeesters op het gedoogbeleid blijkt vooral pragmatisch en is niet afhankelijk van hun politieke partij. Zo maakte burgemeester Polman (D66) van Bergen op Zoom eerder bekend alle coffeeshops in zijn gemeente te willen sluiten, terwijl burgemeester Bruls (CDA) van Venlo juist besloot coffeeshops aan de grens te faciliteren.

De burgemeesters maken zich zorgen over andere dingen: de toegenomen sterkte van wiet bijvoorbeeld. „Ik ben een voorstander van het stellen van normen aan de THC-waarde [de werkzame stof, red.] zodat softdrugs weer softdrugs worden”, schrijft burgemeester Krikke (VVD) van Arnhem.

Gedoogbeleid is lokaal beleid. De Opiumwet verbiedt drugs, maar burgemeesters mogen zelf panden aanwijzen voor cannabisverkoop. Op die panden kunnen ze controle houden, wat harddrugs buiten de deur moet houden. Coffeeshops die harddrugs verkopen, moeten dicht. Zolang coffeeshops zich aan de regels houden – niet te veel softdrugs ineens verkopen, niet te veel op voorraad in de zaak, geen verkoop aan minderjarigen, geen reclame – is er niets aan de hand.

Sommige burgemeesters, zoals Leers (CDA) in Maastricht en Van Aartsen (VVD) in Den Haag, vinden toch dat het kabinet, of Europa, preciezer moet zijn over het beleid. Burgemeester Gresel (CDA) van Heerlen: „Er moet rekening gehouden worden met de Europese context, waarbij buurlanden niet moeten doen alsof zij geen mensen met een verslaving hebben.”

Voor sluiting kiezen de meeste burgemeesters niet. Al is er wel begrip voor Roosendaal en Bergen op Zoom. „Door de problematiek in de grensstreek is voor mijn collegae sluiting [...]van coffeeshops aldaar de enige optie”, schrijft burgemeester De Vreeze van Tiel, waar nauwelijks drugstoerisme is. „In hun situatie zou ik ook zo handelen!”

Het origineelste experiment stelt burgemeester Middel (PvdA) van Smallingerland voor: „Gemeenten kunnen zelf de teelt ter hand nemen, bijvoorbeeld via de inzet van de sociale werkvoorziening, waar in veel gevallen groenafdelingen aan verbonden zijn.”