Kamer vindt reïntegratie te duur

Reïntegratie kost 2 miljard per jaar, maar levert bij lange na niet genoeg op. Het beleid voor reïntegratie moet dan ook op de schop, stelden Tweede Kamerleden vanochtend tijdens een vergadering van de commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Het debat zou gaan over een nieuw plan van aanpak - waarin eerdere kritiek op het reïntegratiebeleid is verwerkt – maar werd gedomineerd door uitgelekte cijfers van kenniscentrum Nicis Institute over de effectiviteit van reïntegratietrajecten. Daaruit blijkt dat het aan het werk helpen van werklozen 537.000 euro per persoon kost.

Wat is er gebeurd met alle miljarden, was de vraag van de Kamerleden. Antwoord, samengevat door Ineke van Gent (GroenLinks) „Die zijn in een zwart gat beland.”

Minister Donner en staatsecretaris Aboutaleb reageerden eveneens verontwaardigd op de cijfers. „Als het werkelijk zo is dat elk succesvol integratietraject een half miljoen kost, dan stop ik er morgen mee”, aldus de staatsecretaris. Maar de cijfers deugen niet, stelde hij vervolgens. „Alles is op een hoop gegooid.” De staatssecretaris riep op om eerst beter naar de cijfers te kijken.

De cijfers moeten gepreciseerd worden, zei ook minster Donner. „Dat is niet eenvoudig, want de effectiviteit van het reïntegratiebeleid laat zich lastig meten. Maar dat laat onverlet dat we het onder de loep moeten nemen. Het moet selectiever en transparanter, dat is de teneur van ons plan van aanpak.”