Ik ben nooit gepusht

Hockeyster Minke Smabers besloot na twee maanden bedenktijd voorlopig door te gaan als international.

Daarnaast steekt ze veel tijd in haar opleiding, de pabo.

Teleurgesteld staat hockeyster Minke Smabers langs het veld. Na de 4-0 nederlaag tegen koploper Den Bosch analyseert ze de wedstrijd met haar coach en krijgt ze nog een aantal goedbedoelde commentaren van haar moeder, daarna vertrekt ze somber naar de kleedkamer.

Vorige week liet de hockeyster die in Peking olympisch goud behaalde met de Nederlandse ploeg, weten dat ze voorlopig doorgaat als international. „Ik vind hockey gewoon nog te leuk om te stoppen. Toen ik met Laren begon aan het nieuwe seizoen had ik dat eigenlijk gelijk al door. Maar ik heb het nog even stilgehouden om voor 100 procent zeker te weten dat het tophockey nog in mijn leven past”, vertelt de speelster van Laren.

Dat Minke Booij (31), een van haar teamgenoten in Peking, stopt en dat Fatima Moreira de Melo (30) twijfelt of ze doorgaat, doet de 29-jarige Smabers niets. „Zij zijn ook al wat ouder dan ik. Ik begrijp het wel als ze willen stoppen. Maar ik heb nog zoveel plezier in het spelletje en als ik dan toch doorga, wil ik dat het liefst op het hoogste niveau doen.”

Smabers is met 270 interlands de recordinternational van het Nederlands team. Op haar negentiende maakte ze haar debuut tegen Zuid-Korea. „Dat was heel jong, maar ik begon al op mijn zevende met hockeyen.” Bij haar geboorte stond eigenlijk al vast dat Smabers zou gaan hockeyen. Haar moeder Marjolijn Bakker was international geweest, haar oudere zussen Hanneke en Lieke hockeyden ook. „Hanneke is vijfenhalf jaar ouder dan ik en Lieke vier jaar. Ik was dus heel klein toen zij al speelden. Ik vond het spelletje geweldig. Als kleintje was ik altijd en overal te vinden met mijn stick en hockeybal. Op het veld en in de straat maar ook in de tuin en zelfs binnen bij ons thuis.” Later speelde ze met haar zussen in het eerste van HDM en Laren, met Hanneke zelfs voor Nederland.

De jongste Smabers ervoer het nooit als druk dat heel haar familie hockeyde. „Ik vond het zelf leuk om te doen en ben nooit gepusht. Omdat zij ook hockeyen, weten ze hoe het is. Daardoor heb ik juist veel steun aan ze gehad. Ook heb ik veel van ze kunnen leren, het zijn toch je oudere zussen en daar kijk je tegen op. Mijn moeder heeft me zelfs getraind, bij de jeugd van HDM.”

Smabers heeft alle mogelijke prijzen gewonnen. Ook de wereldtitel, in 2006. Dat was voor haar speciaal omdat ze daarvoor lang was uitgeschakeld door een gescheurde kruisband. Ze won verder driemaal de Champions Trophy, werd twee keer Europees kampioen, en nadat ze met het Nederlands team brons had behaald bij de Spelen in Sydney en zilver in Athene, heeft ze sinds augustus ook eindelijk de gouden medaille. „De kroon op mijn carrière. Het enige wat ik nog nooit heb gewonnen is de landstitel”, zegt ze lachend. Een persoonlijke doelstelling heeft ze dan ook niet meer. „Ik heb immers alles al. Maar vorig jaar hebben de Duitsers ons de Europese titel afgenomen. Het EK is volgend jaar in eigen land en die titel willen we natuurlijk wel weer terug.”

Met haar 1,58 meter is ze de kleinste van haar clubteam. Toch valt ze op in het veld, onder meer door haar schelle stem. Zowel bij Laren als bij het Nederlands team is ze de midden-midden, wat betekent dat ze veel gaten moet dichtlopen en veel meters maakt, de meeste zonder bal. „Ik ben eigenlijk het verlengstuk van de coach. Ik ben de spelverdeler en moet schakelen tussen de aanval en de verdediging en daarbij moet ik natuurlijk veel aanwijzingen geven.”

Hoewel de Nederlandse mannen weer zijn begonnen met trainen, hebben de vrouwen nog even rust. „Wij beginnen pas weer in januari en daar ben ik wel blij mee. Nu train ik alleen bij de club en dat zijn drie trainingen in de week. In de aanloop naar Peking hebben we onwijs veel getraind en daardoor hield ik weinig tijd over voor mijn opleiding.”

Nadat het Smabers onder meer door haar drukke hockeyschema niet was gelukt haar studie geschiedenis af te maken, stapte ze over naar de pabo. „Dat is net als hockey een familieding. Mijn halve familie staat voor de klas. Doordat ik een aantal keer met mijn medailles op basisscholen ben langsgegaan, ontdekte ik dat ik dat heel leuk vond. Ik doe nu een opleiding van LOI Hogeschool en er wordt rekening gehouden met mijn hockeytrainingen. Ik kan eigenlijk alles thuis doen. Alleen voor tentamens moet ik naar Zwolle.”

Door de vele trainingen had ze vorig jaar niet veel tijd om stage te lopen. „Dus zolang ik niet hoef te trainen, haal ik die schade in.” Ze loopt drie dagen in de week stage op een basisschool in haar woonplaats Amsterdam. „Op dit moment zit ik nog bij de kleuters, volgende maand ga ik naar groep zeven. Ik vind het echt geweldig om te doen.”

Ook houdt ze meer tijd over voor haar vriend Tjerk Smeets, die als honkballer ook in Peking was. „Het was fijn dat hij zich ook moest voorbereiden op de Olympische Spelen. Het is makkelijker als iemand hetzelfde meemaakt. Daardoor heb je meer begrip voor elkaar en kan je je inleven in de situatie van de ander.”

Tijdens de sluitingsceremonie vroeg de honkballer Smabers ten huwelijk. „En deze zomer gaan we trouwen. We houden natuurlijk rekening met het Europees kampioenschap en het schema van Tjerk, maar dat moet allemaal wel lukken.”

Bekijk beelden uit Smabers’ feestwedstrijd op nrc.nl/sport