Een virtuele dief steelt heel echt

Hoe meer wordt gehandeld in virtuele omgevingen, des te belangrijker is daar de betrouwbaarheid.

Ook in Second Life geldt het strafrecht, maar welk?

Wat doe je als je in Second Life wordt bestolen, je spullen worden vernield of je wordt gestalkt? Het overkomt bijna 70 procent van de deelnemers aan de virtuele wereld, zo blijkt uit onderzoek van het Platform voor de Informatiesamenleving en het Platform Virtuele Werelden (EPN).

Maar de deelnemers zijn niet tevreden over de manier waarop eigenaar Linden Labs van Second Life vervolgens klachten over overtredingen afhandelt. Linden Labs beoordeelt een klacht en publiceert de oplossing. „Dat vinden veel deelnemers niet bevredigend”, zegt David de Nood van EPN. „Ze willen meer invloed op de rechtspraak.”

„Het is een interessante ontwikkeling dat er ook in virtuele werelden behoefte aan regels en handhaving ontstaat’’, zegt Tina van der Linden, docent ICT en Recht aan de Universiteit Utrecht. „Virtuele werelden zijn begonnen als een soort ontsnapping aan de echte wereld met al haar regels. Maar in de praktijk zie je dat totale vrijheid leidt tot een oorlog van allen tegen allen.”

Van der Linden denkt dat elke virtuele omgeving haar eigen rechtsysteem zou moeten hebben. „Nationaal recht is natuurlijk niet logisch op internet.” Ze maakt een vergelijking met de rechtspleging bij het voetballen: „Je hebt in-game-handhaving nodig, zoals scheidsrechters die sancties opleggen, en oordelende instanties als de KNVB en de FIFA. Maar in extreme gevallen ook de ‘gewone’ strafrechter, bijvoorbeeld om een voetballer te berechten die een medespeler zo heeft getackled dat die nooit meer kan voetballen.”

„Virtuele werelden zijn steeds meer op echte werelden gaan lijken”, zegt ook Laurens Mommers, universitair hoofddocent bij e@Law Leiden, het Centrum voor Recht in de Informatiemaatschappij van de Universiteit Leiden. „Avatars (virtuele personages, red.) kunnen zulk complex gedrag vertonen dat geautomatiseerde correcties niet meer mogelijk zijn. Je hebt mensen nodig die regels maken en handhaven.”

Bovendien lopen de virtuele en de echte wereld ook steeds vaker door elkaar. Twee jongens van veertien en vijftien jaar kregen eind oktober werkstraffen van 200 en 160 uur, nadat ze vorig jaar met geweld een dertienjarige klasgenoot beroofden van zijn eigendommen in het internetspel Runescape. De jongens schopten en sloegen hem en bedreigden hem met een mes, totdat hij de eigendommen uit het spel overboekte.

Het vonnis wordt als baanbrekend beschouwd, omdat de rechtbank de waarde van virtuele goederen gelijk stelde aan die van fysieke goederen. Dat sluit aan bij de beleving van deelnemers aan virtuele werelden. Zij investeren veel tijd, en soms ook geld, in de levens van hun digitale alter ego’s.

„Ook voor bedrijven is rechtszekerheid in virtuele werelden belangrijk”, zegt David de Nood van EPN. „Stel dat een klant een hypotheek afsluit binnen een virtuele wereld en dat de server crasht op het moment dat hij zijn handtekening zet. Wie is dan aansprakelijk? Daar is nog veel onduidelijk over.”

Er zijn oplossingen mogelijk. Zo denkt De Nood dat moderatoren uit de Second Life-gemeenschap het rechtsysteem van Linden Labs democratischer kunnen maken. Omdat Second Life benadrukt dat mensen met een account bewoners zijn, zou deelname aan de rechtspraak binnen de virtuele wereld ook nog eens het gemeenschapsgevoel bevorderen.

En jurist Paolo Balboni pleit voor de invoering van een keurmerk. Daarmee kunnen virtuele werelden het vertrouwen van gebruikers winnen Balboni: „Een onafhankelijke derde partij zou moeten beoordelen of er bijvoorbeeld een behoorlijke procedure is voor het oplossen van conflicten.”