'De reputatie van Bulgarije staat op het spel'

Bulgarije wil af van het stempel ‘meest corrupte land van de EU’. Minister Grantsjarova moet Europa ervan overtuigen dat het jongste EU-lid eindelijk op de goede weg is.

Corruptie. Het is niet het eerste en zeker ook niet het laatste interview dat Gergana Grantsjarova geeft met het C-woord als thema. Sinds april 2004 is ze in de Bulgaarse regering verantwoordelijk voor Europese Zaken, en dan is corruptie en de strijd ertegen al gauw hét onderwerp van gesprek.

„Corruptie is overal, maar voor Bulgarije is het bijna een handelsmerk geworden, en dat is natuurlijk zeer betreurenswaardig”, zegt ze in Den Haag, waar ze overleg heeft gevoerd met de bewindslieden Hirsch Ballin (Justitie) en Timmermans (Europese Zaken) en met Tweede-Kamerleden.

Bulgarije (7,6 miljoen inwoners) is sinds januari 2007 lid van de Europese Unie. Brussel heeft er een en andermaal op gewezen dat Sofia zijn justitieapparaat drastisch moet hervormen en corruptie en georganiseerde misdaad harder moet aanpakken.

Afgelopen juli was de maat vol. Bulgarije had het zó bont gemaakt, dat de Europese Commissie een half miljard euro aan toegezegde steun (voor infrastructuur, landbouw en milieu) bevroor. Een unicum.

„Dat heeft bij ons de alarmbellen doen rinkelen”, zegt minister Grantsjarova. „Het is niet eens het geld dat zo enorm belangrijk is, al zullen we ervoor vechten om het binnen te halen. Maar de reputatie van mijn land staat op het spel. We moeten onze naam zuiveren.”

De afgelopen maanden is vooruitgang geboekt, beklemtoont Grantsjarova. Er is een nieuwe wet tegen belangenverstrengeling aangenomen, met strikte regels voor politici en ambtenaren. Er is ook een nieuwe wet voor publieke bestedingen gekomen, die ook geldt voor de EU-fondsen. En vorige maand is een vicepremier benoemd, Meglena Plugtsjeva, speciaal belast met het toezicht op alle anticorruptiemaatregelen en op de besteding van EU-gelden.

„We weten dat we nog een lange weg hebben af te leggen. Dat we de vertaalslag moeten maken van het papier naar de straat. Maar ik ben ook ambitieus genoeg om te zeggen dat Bulgarije over tien, vijftien jaar een ander land zal zijn”, aldus Grantsjarova die in 2001 voor het eerst in het parlement kwam namens de liberale partij NMS.

Met die vertaalslag gaat het steeds beter, meent de minister. De afgelopen maanden werden de eerste processen gehouden tegen verdachten van witwassen van misdaadgeld. Een dertigtal verdachten moet voor de rechter komen wegens fraude met het EU-gelden. Ook de hoofdverdachte, de voormalige chef van het Fonds Landbouw, Asen Drumev, is vorige week in staat van beschuldiging gesteld. De eerste processen over mensenhandel hebben plaatsgevonden. En vorige week werd Hristo Kovatsji, een van de rijkste zakenlui van het land, aangeklaagd wegens grootschalige belastingontduiking.

Staatssecretaris Frans Timmermans liet na zijn ontmoeting met Grantsjarova weten dat „de inzet van deze Bulgaarse regering te prijzen valt, maar dat het uiteindelijk aankomt op concrete resultaten. Boeven achter de tralies, corruptie uitgeroeid, enzovoorts”.

Kritiek houdt Timmermans op de magere resultaten. Nu de laatste tijd eerste successen worden geboekt, gaat het er volgens hem om of Bulgarije deze lijn weet door te trekken of niet. „Van het antwoord op die vraag zal ook afhangen of de EU positiever wordt over de resultaten.”

Bulgarije mag zijn Europese partners dan grote zorgen baren, Grantsjarova is ervan overtuigd dat haar land in de strijd tegen corruptie en criminaliteit niet zónder diezelfde partners kan.

„We hebben decennia lang een dictatoriaal regime gehad. Na de val van het communisme en de overgang naar democratie en markteconomie zijn delen van ons bestuur en onze economie in verkeerde handen geraakt. Dat verander je niet van de ene op de andere dag. Dat kost tijd en daarbij hebben we de hulp van de Europese Unie hard nodig.”

Sofia is er nog lang niet, beseft Grantsjarova. In september werd de kritische journalist Ognian Stefanov, die op de website frognews.bu publiceert over corruptie, door vier mannen zo zwaar toegetakeld, dat hij in een rolstoel belandde. „Dat is een zaak die me zeer verontrust en die heel snel moet worden opgelost”, zegt zij. Geregeld worden corruptiebestrijders bedreigd, al zegt ze daar zelf geen last van te hebben.

Het begin dit jaar verschenen boek McMaffia, Misdaad zonder grenzen opent met een schokkend hoofdstuk over de wijze waarop de criminele netwerken het Bulgaarse machtsvacuüm vulden met belastingfraude, subsidiezwendel en illegale handel (met name in sigaretten en mensen).

De auteur, de Britse journalist Misha Glenny, haalt de vooraanstaande Bulgaarse politicoloog Ivan Krastev aan die zegt dat crimineel gedrag de Bulgaren bijkans in de genen zit: „Smokkelen is ons culturele erfgoed”.

Grantsjarova zucht. Ze kent het boek, zegt ze. Maar ze waarschuwt dat men „een verkeerd beeld van Bulgarije” krijgt als men alleen maar afgaat op wat er over corruptie en georganiseerde misdaad in haar land wordt geschreven. „Er is meer dan de realiteit uit kranten en boeken. Kijk ook naar de inspanningen die we ons getroosten om de zaak op orde te krijgen, en kijk ook naar de dingen die wel goed gaan.”

Tot die laatste categorie rekent zij zonder meer de Bulgaarse economie. Beduidend méér groei en mínder werkloosheid dan gemiddeld in de EU, alsmede een overschot op de overheidsbegroting dat maar weinig EU-partners kunnen nazeggen.

Achttien jaar na het wegvallen van het IJzeren Gordijn en twee jaar na toetreding tot de Europese Unie zijn de Bulgaren volgens Grantsjarova „halverwege” hun missie. De vorige generatie politici heeft het er in de overgangsjaren bij laten zitten, de huidige moet alle zeilen bijzetten. „De volgende generatie, de lichting die is geboren na de val van het communisme, zal mijn land definitief veranderen.”