Vrije markt heeft tij tegen, links zoekt alternatief

De kredietcrisis biedt naast ellende ook kansen. De kans om van het neoliberale systeem af te komen, bijvoorbeeld. Maar ‘links’ heeft nog moeite concrete alternatieven te vinden.

Terwijl niemand durft te voorspellen of het dieptepunt van de financiële crisis al is bereikt en veel landen zich opmaken voor een zware recessie, is de stemming niet overal in mineur.

„We hebben gewonnen”, zegt Barry Gills, een Britse expert op het gebied van globalisering. Susan George, de directeur van het Transnational Institute in Amsterdam, een linkse denktank, valt hem bij. „Er is een opening in het systeem. Dit is een historisch moment dat we moeten benutten.”

Gills en George waarschuwen al jaren tegen de gevaren van globalisering. Zij zien in de wereldwijde financiële crisis nu een bevestiging van hun eigen gelijk. „Het is heerlijk om Greenspan [de voormalige president van de Amerikaanse centrale bank] te horen erkennen dat hij zich heeft vergist in het zelfregulerend vermogen van de markt”, zegt Gills. „Dat hij heeft geloofd in een sprookje.”

Maar het intellectuele feestje bleef sober, onlangs op een debatavond op de volgepakte zolder van het Transnational Institute. Want dat de situatie dramatisch is, ontkent niemand. Gills citeert instemmend de Britse zakenkrant Financial Times, die waarschuwt voor massale faillissementen wereldwijd. „De globalisering heeft deze rampspoed overal verspreid. En het gevaar is groot dat de armste mensen en de armste landen hier zwaar onder zullen lijden.”

Er wordt nu overal gediscussieerd in hoeverre de bestaande financiële en economische spelregels moeten worden aangepast. De G20-top van afgelopen weekeinde schoof echte besluiten nog even vooruit, maar het debat zal zeker weer oplaaien in de nieuwe ronde in de Doha-onderhandelingen over vrijhandel, eind deze maand.

Beter toezicht en betere regulering, dat is een refrein in veel voorstellen van min of meer officiële zijde. Maar eigenlijk, vinden de deelnemers aan het debat in Amsterdam, is dit het moment om het hele bestel ter discussie te stellen. „Dit is een systeemcrisis”, zegt Gills. „Die vraagt om andere antwoorden, het is niet zomaar een brandje dat geblust moet worden. Dit is een historische kans om het neoliberalisme te verslaan.”

Hoe dan precies, dat wordt niet meteen duidelijk. De Amerikaanse hoogleraar economie Howard Wachtel zegt: „Mensen lachten je uit als je kwam met kritiek op de markt. Links heeft nog niet heel duidelijk omlijnde ideeën, want we hadden nooit gedacht dat we hierover op deze manier konden discussiëren.”

Het gaat op deze debatavond dan over het borgen van het publieke belang. Over „sociale kredieten” die banken die overheidssteun hebben gekregen, zouden moeten verlenen. Over het stimuleren van investeringen in duurzaamheid, over toezicht en controle op de investeringen van pensioenfondsen.

Myriam Vanderstichele, een onderzoeker die zich veel heeft beziggehouden met multinationals en die ook bij het debat was, verwoordt het een paar dagen later zo: „We moeten werken aan een ombuiging van een financieel systeem dat streeft naar altijd hogere financiële winsten, waarbij de hele economie en maatschappij in dienst stonden van dat financiële systeem, naar een financiële sector die in dienst staat van de economie en van maatschappelijke belangen.” Als voorbeelden van dergelijke belangen noemt ze duurzaamheid, sociale rechtvaardigheid en solidariteit met de armsten, aandacht voor het milieu.

Aan de hand van een aantal concrete voorstellen probeert zij een alternatieve agenda op te stellen – niet dat die op dit moment veel kans maakt, denkt ze, maar het helpt de discussie over de financiële crisis scherp te houden. Perk bijvoorbeeld de vele verschillende mogelijkheden voor speculatie in. Pak belastingparadijzen aan – en neem dan ook fiscale regels in Nederland en België mee die in haar ogen te veel speelruimte laten aan grote financiële instellingen.

Het belangrijkste is in haar ogen dat de politiek weer greep krijgt op de financiële sector. „Dat kan je op twee manieren doen”, zegt Vanderstichele. „Door heel strikte regelgeving en toezicht, of door de financiële sector in publieke handen te brengen.”

Vanderstichele realiseert zich dat dit radicale voorstellen zijn. „Maar laten we in ieder geval onderzoeken wat er fout is gegaan. En dat moet in een open debat. De financiële sector is nu in een geweldig powerplay aan het lobbyen tegen meer regelgeving. Bij elk besluit moet er inzicht zijn in de belangen van de verschillende stakeholders.”

Gedetailleerde alternatieve voorstellen zijn te lezen via www.casinocrash.org