Rekenen aan de liefde

Wiskunde is overal, ook in de liefde, volgens Ionica Smeets (1979) -- een van de wiskundepropagandistes achter wiskundemeisjes.nl. Ze werkt aan de universiteit van Leiden aan een proefschrift over kettingbreukalgoritmes, die bijvoorbeeld gebruikt worden om digitale JPEG-plaatjes te maken.

Kun je de liefde berekenen?

„Nee, maar je kunt wel op een wiskundige manier naar relaties kijken. Bijvoorbeeld naar hoeveel partners je moet proberen voor je een vaste kiest. Het is een heel raar idee dat veel mensen trouwen met hun eerste liefde. Bij een huis of een auto ga je ook eerst kijken en vergelijken. En je kunt je als wiskundige afvragen hoeveel verschillende partners een optimaal resultaat geven.”

Dus toch rekenen. Hoe dan?

„Je gaat uit van een wiskundig model, met aannames die de wereld een beetje vereenvoudigen: dat je maar één partner tegelijk hebt, en dat je niet meer teruggaat als je een partner eenmaal hebt afgewezen. Knipperlichtrelaties vallen er dus buiten. Uit publicaties blijkt de magische grens dan bij twaalf te liggen. De eerste daarna die beter is dan alle vorigen moet je houden voor altijd. De ‘twelve date rule’ noemen ze het in Amerika. Je hebt dan 75 procent kans dat je partner aan 90 procent van je eisen voldoet.”

Weten mensen wel wat hun eisen zijn?

„In dat verband ben ik naar internet-dating gaan kijken. Daar hebben veel mensen slechte ervaringen mee. Een probleem is het liegen: iedereen is jong, slank en succesvol. Bovendien willen mensen niet wat ze denken dat ze willen: een betrouwbare man die niet houdt van in cafés hangen, levert je een saaie accountant op.

„Een wiskundige oplossing om het beter te doen, kan zitten in matchen op basis van kunstmatige intelligentie, waarbij je bijvoorbeeld rekening houdt met dat aandikken. Dat gebeurt in Amerika inmiddels op veel sites, en hier bijvoorbeeld op next.lover, de datingsite van nrc.next. Daar kun je niet zelf zomaar zoeken, maar het systeem zegt: is dit misschien iemand voor je? Dan kan jij ja of nee zeggen, en ook achteraf melden of het beviel. Het systeem krijgt feedback, houdt dingen bij en leert zo bij. De makers hebben daarom zelf geen idee meer hoe het werkt. Misschien vallen mannen die niet kunnen koken wel altijd op vrouwen in een spijkerbroek.

„Op die manier matchen lijkt vrij goed te gaan. Al heb ik niet precies kunnen achterhalen wat erachter zit. De sites in Amerika beloven vaak wel hun methode te publiceren, maar doen dat dan toch niet. De concurrentie kijkt natuurlijk mee.”

En, zelf al in de buurt van partner nummer twaalf aangekomen?

„Ik woon samen met nummer veertien. Dus ik zit goed. Maar ja, ik ben geloof ik nummer vier ofzo voor hem. Wat dat voorspelt, weet ik niet. Eigenlijk moet je elkaar ook nog op het goede moment tegenkomen.”

Liesbeth Koenen