Eén man, één droom... En vijf sporten

De moderne vijfkamp kent maar één topsporter in Nederland: Kevin Hilgeholt.

Hij heeft wel olympische ambities. Zijn doel is een medaille bij de Spelen in 2012.

Op de Olympische Spelen in Londen is het de bedoeling dat een Nederlander de gouden medaille wint bij de moderne vijfkamp. In 1972 was het voor het laatst dat er Nederlanders meededen aan dit onderdeel op de Spelen, maar als het aan de Nederlandse Vijfkampbond ligt, is de 24-jarige Kelvin Hilgeholt de olympische titelkandidaat van 2012.

De moderne vijfkamp werd speciaal voor de Spelen bedacht door Pierre de Coubertin, de oprichter van de moderne Olympische Spelen. Het doel van de sportdiscipline was de ontwikkeling te bevorderen van de moderne universele atleet.

De modern vijfkamp bestaat uit pistoolschieten, schermen, zwemmen, paardrijden en hardlopen en is vooral populair in Rusland, Hongarije en Tsjechië. In Nederland zijn er slechts drie verenigingen, in Amersfoort, Breda en Ermelo. Er zijn ongeveer honderd moderne vijfkampers in Nederland, Hilgeholt is de enige die als topsporter wordt beschouwd door de bond.

De Nederlandse bond wil de sport professionaliseren. „Het zal nooit een heel grote sport worden”, zegt Elias Woudenberg, secretaris van de Vijfkampbond. „Maar door samen te werken met de bonden van de verschillende sporten hopen wij meer leden te werven en de sport naar een hoger niveau te brengen.” Volgens de secretaris kunnen de sporters die nu subtopper zijn in hun sport als topper bij de moderne vijfkamp meedoen. „Want er is weinig concurrentie in Nederland.”

Zo begon Hilgeholt pas op zijn negentiende aan de sport. „Ik deed een sportopleiding en voor mijn stage kwam ik terecht bij Defensie”, vertelt de vijfkamper. „Mijn stagebegeleider was Jan Maas, de oud-bondscoach van de moderne vijfkamp. Ik deed al aan wedstrijdzwemmen en tijdens een test bleek ook dat ik goed kon hardlopen. Dus de basis had ik al en Maas zag wel wat in mij.” Een week nadat Hilgeholt officieel was begonnen met de sport, werd hij al naar een olympisch kwalificatietoernooi gestuurd. „Dat was heel bizar, negentien jaar, één week vijfkamper en dan al naar een kwalificatietoernooi in Kairo, helaas eindigde ik als een na laatste.”

Door de samenwerking met de bonden kunnen de sporters zich ook beter specialiseren in de verschillende sporten. Zo krijgt Hilgeholt paardrijtraining van Fried van Stiphout, de bondstrainer van de KNHS, voor het onderdeel eventing. „Geen enkel ander land werkt samen met de individuele bonden, op die manier hopen wij een slag te kunnen maken”, zegt Woudenberg.

Hoewel de bond bezig is te professionaliseren, krijgt Hilgeholt geen salaris en is hij genoodzaakt om te werken terwijl hij al 45 uur in de week moet trainen. „Ik sta meestal om half vijf ’s ochtends op want anders red ik het allemaal niet, een druk bestaan. Maar ik vind de sport zo leuk dat ik dat er wel voor over heb.” Hilgeholt die in Wolfheze woont, gaat voor zijn zwemtrainingen naar een zwemclub in Uden en ook voor zijn atletiektrainingen gaat hij naar een club in Uden. Voor het schieten en schermen krijgt hij op sportcomplex Papendal training van de bondscoach Stan Dobrotvorski, een Rus die zelf ook meedeed aan de Spelen. De paardrijtrainingen worden in het Limburgse Horst afgewerkt.

Hilgeholt is ervan overtuigd dat hij wereld- en olympisch kampioen kan worden. „Maar dan moet ik eerst de perfecte balans vinden tussen de vijf sporten. Als ik bijvoorbeeld tijdens een wedstrijd een heel goede tijd bij het zwemmen neerzet, weet ik al bijna zeker dat het hardlopen daar onder zal lijden.” Hij doet niet aan veel wedstrijden mee. „De sport kost onwijs veel energie en je lichaam heeft tijd nodig om daarvan te herstellen.” Hij neemt deel aan de twee officiële Nederlandse wedstrijden en doet ook mee aan ongeveer vijf wereldbekerwedstrijden per jaar.

Het plan was dat de Nederlandse topper ook al mee zou doen aan de Spelen in Peking, maar in februari raakte hij tijdens een wedstrijd schermen geblesseerd aan zijn knie. „Nu ben ik weer helemaal hersteld en ik kijk uit naar het nieuwe seizoen, dat in maart begint.”

Moderne vijfkamp is ook voor kinderen, maar zij mogen niet alle sporten beoefenen. Tot veertien jaar bestaan de wedstrijden uit lopen en zwemmen. Vanaf vijftien jaar komt daar het schieten bij. Zodra de deelnemers zeventien zijn, mogen ze schermen en vanaf negentien jaar kunnen ze volwaardige wedstrijden spelen.

Bekijk een promotiefilmpje gemaakt door Hilgeholt via nrcnext.nl/links

Dit is deel 3 uit een serie over minder bekende sporten