Met asbak op tafel de andere kroeg beconcurreren

Het rookverbod wordt op grote schaal geschonden. Woensdag praat de minister met de horecabranche. „Mijn klanten gingen naar een café waar ze wel mochten roken.”

„Een kroeg zonder rook is als een kroeg zonder bier.” Rita van Hooy zit aan de bar in Café Die Twee in Den Bosch. Ze kijkt tevreden hoe haar zeventigjarige buurman een zelf gedraaid sigaretje uit een ijzeren sigarettendoosje haalt en het aansteekt. „Ik kom hier graag. De laatste maanden rookte ik buiten. Dat deed ik voor de kastelein.” Nu hoeft dat niet meer. Afgelopen donderdag werd bekend dat de meerderheid van de kroegen in de binnenstad van Den Bosch vanaf vandaag de asbakken weer op tafel zet. Bij een rondgang door de stad blijkt dat al op zondag massaal weer gerookt wordt.

Het verzet tegen het rookverbod groeit. Eerder besloten groepen ondernemers in steden als Groningen, Tilburg en Breda het roken weer toe te staan. Zwolle en Enschede volgden deze maand. Duizenden horecaondernemers uit het hele land verenigden zich in actiegroepen. Op 29 november vindt een protestmanifestatie op het Malieveld in Den Haag plaats. Maar nergens is de eensgezindheid zo groot als in Den Bosch.

Doordat zeker tien Bossche kroegen zich al langer niet aan het rookverbod hielden, ontstond er concurrentievervalsing. Dat stoorde kroegbaas Wiggert Mes van Café Het Veulen. Hij maakte een ronde langs alle cafés in de binnenstad. Een ruime meerderheid bleek voor het negeren van het rookverbod. Gezamenlijk besloten ze het roken weer toe te staan.

„Mijn klanten gingen naar een café verderop waar ze wel mochten roken”, vertelt eigenaar van Stadscafé D’n Burger, Raymond van der Werff. „En ik de asbakken maar van tafel houden. Als dit zo was doorgegaan, had ik kunnen sluiten.” Zijn kroeg is klein en donker. Het publiek vijftig jaar en ouder. Deze zondag wordt er voor het eerst weer gerookt. Er zitten zestig mensen binnen. „Zonder asbakken waren dat er twaalf geweest.”

Zes vrouwen in de hoek stemmen luidkeels in. Mieke van der Laan neemt een slokje jenever. „Wij zijn hier ruim vier maanden nauwelijks geweest. Zodra we hoorden dat er weer asbakken staan, zijn we gekomen.”

Eigenaar van Grand Café Silva Ducis Bernard Kuenen heeft besloten zich niet te voegen naar het meerderheidsbesluit van de Bossche kroegbazen. Hij houdt zich aan de wet. Hij maakt zich zorgen. Hij moet deze zondag al aan klanten uitleggen dat ze bij hem geen sigaret mogen opsteken. „Als mijn omzet na vandaag stevig terugloopt, wat moet ik dan doen?”

Hij kan zich voorstellen dat kleinere kroegen de asbakken terugzetten. „Zij zien dat klanten vertrekken naar cafés waar wordt gerookt. En in Den Bosch is nog geen ondernemer beboet sinds de invoering van het rookverbod.” Ook in Tilburg, waar de coffeeshophouders afgelopen zomer bekendmaakten roken weer toe te staan, is nog geen controleur gesignaleerd.

Sinds de invoering van het rookverbod op 1 juli zagen kleine cafés in Nederland hun omzet met gemiddeld 30 procent dalen.

Lange tijd hield vereniging Koninklijk Horeca Nederland vol dat de wet moest worden nageleefd. Eind vorige week stelde de branchevereniging haar positie bij. Ze hekelt de concurrentievervalsing en eist nu duidelijkheid van minister Ab Klink (Volksgezondheidszorg, CDA). Of het rookverbod wordt daadkrachtig gehandhaafd, òf het gaat de prullenbak in. Voor de ledenvergadering op 9 december wil de vereniging van de minister weten wat hij denkt te gaan doen aan de wanordelijke situatie die is ontstaan. Woensdag staat overleg gepland tussen de branchevereniging en de minister. Horeca Nederland noemt de situatie inmiddels onhoudbaar. Vorige week sneuvelde nog een motie op het congres van Klinks partij, waarin de afdeling Etten-Leur opriep voor de kleine café-eigenaar een uitzondering te maken.

De eigenaar van het kleine Bossche Café ’t Bonte Palet zegt niets. Hij wijst naar een tekst die hij achter de bar heeft opgehangen. „Toen de rook was opgetrokken, bleek het café niet meer te bestaan.”

Heeft het rookverbod nog toekomst?nrc.nl/discussie