En nu staan de wereldleiders weer allemaal op één lijn

Wereldleiders probeerden dit weekeinde om een nieuwe financiële crisis te voorkomen.

Hoe gaat dat in zijn werk? Verslag van de wereldtop G20 in Washington.

1.600 journalisten die opeengepakt in een kelderzaal naar tv-schermen kijken en opschrijven wat daarop te zien is. Demonstranten die begrijpen dat er snel iets moet worden gedaan. En vermoeide ambtenaren die poppetjes tekenen om de tijd te doden. Zo zijn bijeenkomsten van wereldleiders ook.

Dit weekeinde kwamen in Washington de regeringsleiders plus ministers van Financiën samen op een top waarvan van tevoren was aangekondigd dat deze historisch zou worden. Terwijl de financiële crisis aanhoudt en tegelijkertijd overgaat in een wegzakkende economie overal ter wereld – de eurozone is sinds vrijdag voor het eerst sinds de invoering van de munt officieel in recessie – probeerden de politici de neerwaartse spiraal te doorbreken. Hoe gaat dat in de praktijk? Een kroniek.

Vrijdagavond 18.00 uur.

De Amerikaanse organisatie heeft een handjevol journalisten geselecteerd die in de zogeheten pool mogen. Zij doen voor de overige 1.600 journalisten verslag van wat ze zien. Zoals de journalist die namens persbureau Associated Press deel uitmaakt van de pool. Hij beschreef de volgorde van aankomst van de leiders in het Witte Huis: de leiders die het kortst in eigen land aan de macht zijn, komen het eerst aan en verblijven dus het langst in de residentie. Wanneer staatssecretaris De Jager – premier Balkenende is naar huis omdat zijn vader is overleden – aankwam, blijft onvermeld. Wel beschrijft de AP-journalist dat De Jager „bijna gevallen was op het gladde witte marmer”.

19.20 uur.

Bush opent met een toespraak een bijeenkomst in de State Dining Room op het Witte Huis. Hij vertelt dat Balkenende hem belde, hij zegt dat hij voor hem bidt. Over de kredietcrisis zegt hij dat „dit probleem niet van de ene op de andere dag is ontstaan, en zo snel zal het ook niet opgelost worden”. Volgens Bush rekenen „miljarden hardwerkende mensen op ons om ons financiële stelsel voor de lange termijn te versterken”.

21.50 uur. Drie stratenblokken verderop. St. Regis-hotel, persconferentie voor Nederlandse journalisten.

De straat is afgezet, niemand mag het hotel nog in of uit. Eerst stuift de zogeheten ‘motorcade’, een colonne motoren en limousines van de Chinese president Hu Jintao langs. Daarna moet de Russische Dmitri Medvedev het hotel nog in. De hotelgasten zijn ondertussen meer bezig met de acteur Kevin Spacey: die zou hier ook zijn. Ten slotte komt De Jager aan. In een koud kelderzaaltje vertelt hij over het werkdiner.

Hij is positief. Over het „goede tempo”, de „goede harmonie” onderling. Van „onenigheid tussen landen” had hij niets gemerkt, ook al „wilde het ene land zus, het andere lang legde het accent weer zo.” Neem protectionisme. Voor Europese landen was dat geen relevante kwestie, onze economieën hebben al een open karakter. Maar opkomende economieën maakten hier wel een punt van. Vreemd, volgens De Jager, „want juist zij hebben toch enorme handelsoverschotten”.

Wat vooral opviel was „het gevoel van urgentie. Daar aan tafel leefde dat meer dan soms bij ons in Nederland”.

Een ambtenaar links van De Jager gaapt, in Nederland is het dan al vier uur ’s nachts. Een ander tekent poppetjes op een kladblok. Officieel heet de bijeenkomst The Summit on Financial Markets and the World Economy. Maar in het Witte Huis ging het zo goed als helemaal over het eerste deel van die titel, het voorkomen van nieuwe financiële crisis. „En niet zozeer over de komende recessie.”

Hoe dat eigenlijk werkt, het woord krijgen in het Witte Huis? Je steekt je vinger op. De Jager doet het voor. „En dan kijk je naar Bush. Maar gelukkig waren we maar met een kleine club hoor. Alleen de deelnemers en een paar fluisterende tolken, zoals voor mensen zoals Dmitri Medvedev, de Russische president. „Die zat rechts van mij.” Links dan Zapatero uit Spanje, Merkel uit Spanje, de Italiaan Berlusconi. „Echt een Europees hoekje. Zou dat expres zo gedaan zijn?”

Bush stemde een maand geleden in met de top, na stevig aandringen van de Franse president Sarkozy (Frankrijk is nu voorzitter van de EU) en José Manuel Barroso, de voorzitter van de Europese Commissie. Sindsdien wordt er een zogeheten draft de wereld rondgestuurd, een opzet van de slotverklaring. Dat doen de sherpa’s – dat is de officiële titel voor de ambtenaren die namens de verschillende landen de conferentie hebben voorbereid. De top is bedoeld om de laatste verschillen glad te strijken.

Wat Nederland wil? Eén. Hervorming van financiële instituten zoals het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank. Twee. Een beter dekkend, en effectiever, financieel toezicht op financiële producten – aan de kern van de huidige crisis liggen complexe financiële constructies op basis van de Amerikaanse huizenmarkt – en ondoorzichtige beleggingsfondsen. Drie. „Perverse prikkels tegengaan.” Zoals bankiersbeloningen.

Vooraf was verwacht dat fiscale stimuleringsplannen een belangrijk onderwerp zouden zijn. Overal ter wereld, van Amerika tot Australië, en van Zuid-Korea tot Spanje, proberen overheden door burgers en bedrijven op korte termijn te helpen om de economie aan te jagen en recessie in de kiem te smoren. Maar De Jager ziet daar weinig in. „Voor Nederland zit zo’n stimuleringsplan er niet in.” Boven alles geldt dat hij niet te veel wil ingrijpen: „Als econoom zeg ik: te veel doen is net zo erg als te weinig.”

Zaterdagochtend, 8.00 uur, ministerie van Buitenlandse Zaken.

Journalisten zitten in de tot redactieruimte omgebouwde kantine naar tv-schermen te kijken. Daar laat een cameraman die toegelaten is tot de pool de overige journalisten zien wat op dat moment in het National Building Museum, op drie minuten rijden, gebeurt. Bush gaat voor een wereldkaart staan, kijkt recht de camera in. „Het is duidelijk dat de crisis nog niet voorbij is”, zegt hij. „En er is nog steeds veel werk te doen.”

Bush verschijnt dan een uur lang telkens weer voor de kaart als er een volgende regeringsleider komt aanlopen. Ze staan even stil voor de kaart, lopen dan weer weg. Om kwart voor negen komt de staatssecretaris aan. Hij gaat naast Bush staan, doet zijn jasje dicht, houdt zijn handen voor zijn jasje, laat ze dan weer hangen. Even stilstaan, geen lichaamscontact, en dan is het voorbij. Daarna komt de Rus Medvedev aan. Als Bush en hij de camera inkijken, omarmen ze elkaar.

12.00 uur, voor het hoofdkantoor van het IMF.

Jenny Piva houdt een spandoek vast. ‘Who are you saving capitalism for?’, staat er. Antwoord: ‘The rich & the powerful’. Piva (17) is een van de naar schatting honderd demonstranten die de G20-top dit keer trekt. Niet zo lang geleden waren dat er nog tienduizenden. Nu trekken mensen als Jenny Piva beschaafd zingend door de stad. Vijf koperblazers spelen een dodenmars, „maar wel een vrolijke” benadrukt Piva. Vandaag vieren ze het overlijden van het kapitalisme. En dat is om te lachen. Maar het feit dát politici samenkomen om te overleggen, daar heeft niemand hier problemen mee – tot voor kort ondenkbaar. Steltenlopers dragen grote borden met zich mee. ‘Free Market’, staat er, de vrije markt. ‘Profit’, winst. En de, in hun ogen, verbindende schakel: ‘Greed’. Hebzucht.

14.30 uur. Een balzaal in het Willard Hotel.

Nicolas Sarkozy’s eerste zin: Het was „een historische top”. Drie kwartier lang geeft de Franse president Sarkoszy een uiteenlopende reeks verklaringen voor dat historische karakter. „Dat we híér... in Amérika met de Amerikáánse overheid tot overeenstemming zijn gekomen, daar waar in het verleden álle regeringen weigerden van positie te veranderen”, bijvoorbeeld. Of „dat al deze landen, voor het éérst, uiten dat ze duidelijk en beslist zijn en dezelfde doelstellingen delen”, ook al zoiets ongekends. Of neem een van de ingrepen. Banken die hun bestuurders exorbitant blijven belonen worden bestraft. „Heb je ooit, óóit, zoiets gezien?”

Sarkozy: „Natuurlijk, ik zal niet zeggen dat deze top alle problemen heeft opgelost, en ons heeft ontdaan van de financiële crisis”, maar: „2008 zal de geschiedenis ingaan als het jaar dat we doorkregen dat we in de 21ste eeuw zijn terechtgekomen”. Ook al was het „een korte nacht”, niet alles „kon in 24 uur worden afgerond”. Zoals de hervorming van het Internationaal Monetair Fonds.

Vooraf was nog maar de vraag hoe betrouwbaar de toezeggingen van Bush op de lange termijn zouden zijn: zou Obama ze wel overnemen? Wilden de landen zich wel vastleggen aan afspraken die eind januari weer aangepast moeten worden? Sarkozy: „Bush heeft ons verzekerd dat Amerika zich hieraan verbindt.” Zelf heeft hij ook contact met Obama (die er niet is, maar wel twee afgezanten heeft gestuurd), „maar het is behoorlijker om te zeggen dat Bush hier hand in hand met Obama aan heeft gewerkt”.

De journalisten willen graag weten wat er concreet is aan de verklaring. Sarkozy zegt dat „het inderdaad niet het meest glamourous onderwerp ooit is”, bij vlagen „wat droog” zelfs, maar er staan bijvoorbeeld harde „instructies” in aan de ministers van Financiën. Die moeten ze voor de vervolgtop in Londen van eind maart uitvoeren. En anders? „De geloofwaardigheid van Europa staat op het spel.”

Ook om 14:30.

In het National Building Museum is president Bush bijeen met de verslaggevers uit de pool. Hij noemt de top een succes omdat de leiders zich samen uitspreken voor vrije markten. Hij zegt het niet, maar China was er immers ook. „Het is nuttig om hier nu met een stevig actieplan te komen, dat doen we dan ook. En het heeft ook zin de mensen te zeggen dat er nog meer werk gedaan moet worden.”

17.15 uur, in het gebouw van de Europese Commissie.

Voorzitter van de Europese Commissie Barroso ontvangt tien Europese journalisten en houdt een lofzang op al hetgeen Europa heeft bereikt. De conferentie kwam er namens Europa. Opkomende economieën krijgen straks meer macht in het IMF – dat wilde Europa. De wereld spreekt zich uit voor vrijhandel –Europa doet al een hele tijd.

Is dat niet al te triomfantelijk? Oh. Zo bedoelde hij het ook nou weer niet, want „van dat gevoel houd ik niet en arrogantie ligt op de loer. Maar goed, als het we „één keer trots zijn is dat ook zo erg niet want als Europeanen zijn we altijd zo sceptisch”.

Een van de journalisten vraagt hem dan of er niet meer in zat dan de belofte dat ‘we alles willen doen wat in onze macht ligt om de groei te herstellen’. Barroso, retorisch: „En dat vindt u níét genoeg?”

Praat mee op het blog over de top op nrc.nl/g20 en lees het commentaar op pagina 17.