Boko start te traag in Prijs der Giganten

De Zweedse draver Cooper Beech heeft de Prijs der Giganten gewonnen. Virgill Boko had opnieuw moeite met de start achter de auto en eindigde als vierde.

Na de overwinning van de legendarische Speedy Volita in 1976 waren alle edities van de Prijs der Giganten een prooi voor een buitenlandse deelnemer. Zaterdag bestond er een mogelijkheid dat die reeks doorbroken zou worden, dankzij de aanwezigheid van Virgill Boko, beste Nederlandse fokproduct sinds twintig jaar. Toch kwam de winnaar opnieuw uit een van de grote drafsportlanden. De Zweed Cooper Beech heerste van start tot finish. Achter hem finishten de Belg Norginio en de Noor French Design.

Virgill Boko was in de Grote Prijs der Lage Landen derde geworden achter twee Belgen die hij 50 meter vóór moest geven. In de Prijs der Giganten zijn geen handicaps, dus vertrekken alle paarden achter de auto. Dat is de achilleshiel van Virgill Boko, altijd traag weg achter de auto. De loting had hem met het ogenschijnlijk gunstige eerste startnummer bedeeld, maar in zijn geval is dat een nadeel. Pikeur Hugo Langeweg junior moest zich aan de reling laten terugzakken naar de laatste plaats voor hij vrijbaan kreeg en via de achterdeur aan de koers kon gaan deelnemen. „Dat was niet zo erg geweest als er tempo in de koers had gezeten”, zei hij. „Nu vochten we voor een verloren zaak.”

Virgill Boko bereikte de kopgroep in de laatste bocht, maar het leidende trio had krachten gespaard en kon de aanval pareren. Ondanks de sterke laatste kilometer, de snelste van allemaal, bleef Virgill op de vierde plaats steken. Nuchter constateerde pikeur Langeweg dat er met dit koersverloop niet meer in had gezeten. „Je kunt hem niets verwijten, hij ging tot het einde goed door”, vond hij. Vader Hugo Langeweg, de trainer, heeft de moed opgegeven dat Virgill de autostart onder de knie zal krijgen: „Hij pakt het pas echt op als de auto voor hem weg is. Voor internationale topkoersen is dat een probleem.”

Cooper Beech wordt getraind en gereden door Conrad Lugauer, een Duitser die vijf jaar geleden uit zijn land vertrok „omdat daar in de drafsport geen droog brood meer viel te verdienen.” Inmiddels beheert hij in de buurt van Malmö een stal met 70 dravers, waarvan Cooper Beech de ster is. Dat Cooper Beech relatief weinig gewonnen heeft, kan Lugauer simpel verklaren. „Hij had als jong paard al enorm veel talent, maar tobde met een schouder. We hebben hem de tijd gegeven om daar overheen te komen.” Vandaar dat de vos nu als zevenjarige met grote stappen door de diverse klassen rent. Waarschijnlijk gaat dat de komende maanden verder in het lucratieve winterseizoen van het Franse Vincennes.

Ook vader en zoon Langeweg zullen deze winter richting Parijs afreizen. Met Virgill Boko heeft de trainer een verrassend plan. Hij wil hem laten uitkomen in monté-draverijen, een genre dat alleen in Frankrijk serieus genomen wordt. De dravers zijn niet voor een sulky gespannen maar worden bereden. De monté-draverijen hebben één voordeel: ze worden nooit achter de auto gestart. De draaistart beheerst Virgill Boko perfect.