'Het museum leert dat oorlogen voorbijgaan'

Gaza was millennia lang een druk bezochte havenstad, waarom werd gevochten. Het nieuwe museum toont sporen van tal van culturen.

Alleen het licht dat soms uitvalt, herinnert aan het Gaza van vandaag. De dagelijkse ellende van geweld, overbevolking en isolement is ver weg in Al Mat’haf, het pas geopende oudheidkundig museum van de Gazastrook. Er was een tijd dat alles anders was. In het museum liggen vrolijke Griekse beeldjes van liefdeskoningin Aphrodite. Ze trekt gekke bekken en neemt uitdagende poses aan.

Aan de kust van Gazastad heeft directeur Jawdat El Khoudary zijn droom verwezenlijkt. Een museum met restaurant en een nog niet geopend hotel voor honderden bezoekers per dag. In de betongrijze wereld van de Palestijnse Gazastrook is Al Mat’haf (letterlijk: het museum) weinig minder dan een oase. Wie na een tocht langs vernielde wegen langskomt, stapt in een andere wereld.

De terrassen zijn gebouwd met, onder meer, Byzantijnse pilaren, Romeinse stenen en Britse spoorrails. Obers serveren de beste maaltijden in een grote dinerzaal. De elite van Gaza, die het uitgaan moet beperken tot een stuk of vijf locaties, weet de museumtuin inmiddels ook te vinden. Groepen jonge vrouwen in dure kleding komen ’s middags binnen en bestellen een waterpijp.

Deze zomer opende El Khoudary zijn museum. Hij financierde het ambitieuze complex deels uit eigen zak, deels met Zwitsers geld. Hij is een vastgoedondernemer en verzamelt al jaren alles wat los en vast zit als amateur-archeoloog. „Je hoeft maar ergens te graven en je vindt wel wat. Kruiken, munten, beeldjes, alles ligt hier.”

Het verleden, zegt hij, kan mensen de ogen openen over het heden. „We hebben hier altijd oorlogen gehad, er zijn zo veel bezetters geweest. Maar ik wil ook laten zien dat de cultuur van Gaza een rijke historie heeft, op zijn minst vergelijkbaar met andere grote steden aan de Middellandse Zee.”

De museumstukken dateren uit periodes dat Gaza een drukbezochte handelstad was. Een grote haven, een cruciale bevoorradingsplaats voor Egyptische karavanen op weg naar Syrië, Jordanië of andere Arabische landen. Om deze stad zijn tientallen oorlogen gevoerd. De bijbelse figuur Simson liep er rond, en Napoleon. Alexander de Grote legde Gaza ooit plat. Grootmachten in de regio wilden de stad voor elke prijs in hun bezit hebben. Grieken, Byzantijnen, Maccabeeën, Perzen, Egyptenaren, Romeinen, Britten – met als slotakkoord de Israëlische bezetting van 1967 tot 2005.

„De sporen van de machthebbers van weleer liggen overal voor het oprapen”, zegt El Khoudary. Zijn bouwbedrijf moet veel graven in het centrum van de stad, en medewerkers leggen alles wat oud en waardevol lijkt apart voor hun baas. Die bezit inmiddels een gigantische collectie kruiken, scherven, pijlpunten en beeldjes.

Al rond het jaar 3.500 voor Christus, de vroege Bronstijd, was Gaza een doorvoerhaven voor zijdehandelaren vanuit Egypte. Uit die tijd zijn kleine lampjes en kruiken gevonden. Ook liggen er dobbelstenen en kinderspeelgoed. Aan de muur hangt een speels stenen masker van een overleden notabele, uit 1.200 voor Christus. Zijn mond staat open, en hij heeft een spitse neus. „Dat masker werd in de graftombe gelegd”, zegt gids Fadel Al Otol, terwijl hij door de museumzaal wandelt.

Al Otol heeft het museum speciaal voor het buitenlandse bezoek moeten openen. Andere bezoekers laten het vandaag afweten, want vrijwel niemand komt de geïsoleerde Gazastrook binnen. „We hebben het museum gebouwd in de hoop dat de grenzen ooit open gaan”, zegt Jawdat El Khoudary.

Een museum in Gaza kan alleen bestaan met steun van Hamas, de islamitische organisatie die het volledig voor het zeggen heeft. Hamas ziet het cultuurhistorische belang van het museum, de minister van Cultuur kwam onlangs al enthousiast terug na een bezoek. El Khoudary kent een hardnekkige roddel dat Hamas een paar objecten ongeschikt vond om tentoon te stellen. Zo zou één beeldje van Aphrodite „te seksueel” zijn. „Maar ze hebben me geen strobreed in de weg gelegd, ze hebben me voor 300 procent gesteund.”

Archeologische vondsten mogen voor het oprapen liggen, sporen van joodse aanwezigheid in het Oudtestamentische Gaza liggen niet in het museum.

„Die zijn niet te vinden”, zegt El Khoudary kortaf. Maar het kan ook aan iets anders liggen: het museum dient ook een politiek doel. Zoals Israëlische musea de joodse geschiedenis van plaatsen benadrukken, zo legt Al Mat’haf de nadruk op de Arabische wortels van de streek.

Maar misschien heeft El Khoudary ook wel een beetje gelijk. Tijdens de jaren van Israëlische bezetting groeven Israëlische archeologen hier al druk naar restanten van vroege joodse aanwezigheid. In het Israël Museum van Jeruzalem liggen die vondsten.

Vanuit dat museum kwam onlangs een genereus aanbod, dat El Khoudary dankbaar aanvaardt. Zodra er vrede is tussen Israël en de Palestijnen, kunnen de musea elkaars werk lenen en tentoonstellen. „Als je iets van het museum leert, dan is het dat oorlogen en bezettingen voorbijgaan. Maar weinig mensen in Gaza weten dat het hier ook anders kan zijn.”