Gorges du Verdon

De berghellingen waartussen we, over zwikzwakpaden, afdalen zijn afgrondelijk steil. Dat duidt op een rivier die de bodem door de eeuwen heen heeft ingesleten. Klopt: hij heet de Verdon. Hij zou er moeten zijn, hij staat op de kaart, maar hij is te zien noch te horen.

De wanden van zijn ravijn duiken weliswaar naar beneden, maar ze reiken ook omhoog, naar een lavendelblauwe hemel met dikke wolken. Hogerop zijn ze kaal en scherp en tonen ze zandkleurige traansporen. Op hun randen voorzag de natuur in bonkige uitkijktorens. Lager zijn ze overdekt met gekromde eikjes, naaldgroei en allerhande struiken. Het blad is ingenomen door de herfstkleuren, waardoor het lijkt of er roze, rode en oranje fikkies worden gestookt tussen klaterend geel.

De route die we volgen heet Sentier des pêcheurs.

„Overdenk jij je zonden wel?” vraag ik slim.

Man: „Natuurlijk. Nou. Allemaal gezellige gedachten.”

Gelukkig de zondaar die hier wandelt – en ook de visser, want man stelt vast dat alleen pécheurs zondaars zijn. Pêcheurs slaan hun hengel uit.

Zou kunnen in de Verdon, die ik ineens hoor. Hij raast. Het volgend ogenblik springt hij in het oog. Groen en troebel glijdt de rivier met forse snelheid over de bodem van de vallei, hij legt schuimkopjes om de stenen die zijn loop willen hinderen.

Het pad voert naar de oever, stijgt weer wat en houdt voor een paar meter op. Het zal ooit bij heel hoog water weggeslagen zijn. Voor houvast bij het overbruggen van het gat hangt er een kabel aan de rotsen. Dat hangen aan zo’n kabel voelt stoer en de neuzen van de schoenen vinden houvast in hoekjes.

Het heeft een aantal dagen hard geregend, het pad glanst. De steenslag glipt onder schoenen, de boomwortels die tot trapje dienen spelen cakewalk en waar de naakte rots tevoorschijn komt is het spekglad, wat soms valopvangend gewiebel uitlokt. En gegiechel. Het mensenlichaam is een grappig ding, als je het uitdaagt. Eens zo langzaam lopen is wel zo veilig, met nog meer gelegenheid om de vallei in te kijken.

Het visserspad gaat, via de loop van een kleine stroom, omhoog. Het volgt de vallei, verlaat het bos, geeft even uitzicht op een brede waterval en doorkruist nu jeneverbes- en andere struiken. Klimmen voelt minder glibberig dan dalen.

De kam van het bergmassief komt weer in zicht. Dikke nevel hangt nu over de randen. De zon kiest de mooist getinte plekken en zet er een schemerlamplichtje op.

Joyce Roodnat

6 km: Le sentier des pêcheurs. Rondwandeling uit: Gorges, lacs et plateaux du Verdon à pied. Uitg. Fédération Française de la randonnée pedestre, 2e druk, 2007. Route kan ook gelopen worden m.b.v. de markeringen (gele strepen). Begin- en eindpunt: P-plaats ‘Colle de l’Olivier’ aan de D 952.