Dolfijnensnackbar

Dolfijnen zijn net vleermuizen. En andersom. Allebei ‘kijken’ ze met geluid. Ze piepen, klikken of zoemen in de rondte. Als het geluid tegen een makreel of een vette nachtvlinder kaatst, dan verraadt de echo waar de dolfijn of de vleermuis moet zijn voor een lekker hapje.

Tot zover is dat geen wetenschappelijk nieuws over deze sonar, zoals hun ‘geluidsoog’ heet. Maar hoe slim dolfijnen met die sonar omgaan, is dat wel.

Amerikaanse biologen hingen ’s nachts heel gevoelige microfoons over de reling van hun onderzoeksboot, ergens bij Hawaii. In het water hoorden ze zogeheten spinnerdolfijnen langs zwemmen die op jacht gingen. En ze geloofden hun eigen oren niet over wat er toen gebeurde.

De dolfijnen zwommen allemaal precies naast elkaar. Toen ze een school lantaarnvissen tegenkwamen, omsingelden ze die – als indianen rond een kamp huifkarren. Daarbij zwommen ze twee aan twee in snelle rondjes rond hun prooi. De dolfijnen maakten daarbij een golvende beweging. Ze deden een soort wave, zoals je wel bij een voetbalwedstrijd ziet. Ze joegen de lantaarnvissen hiermee zoveel angst aan dat deze in een dichte bal gingen zwemmen. En dat deden die dolfijnen allemaal ook nog eens in het pikkedonker.

En het wordt nog veel spannender. Bekijk de cirkel dolfijnen nu eens van boven. Dan zie je een soort wijzerplaat. En telkens doken twee dolfijnenpaartjes die tegenover elkaar zwommen, de vissenbal binnen om 15 seconden te snacken: het paartje op zes uur en dat op twaalf uur, daarna het koppeltje op één uur en op zeven uur. Enzovoorts.

Maar het spannendste is natuurlijk de wetenschap dat die biologen, en wij met hen, nog helemaal niets weten van al die andere dolfijnen en vleermuizen. Menno Steketee