De lezer schrijft over suggestieve koppen

Als lezer van NRC Handelsblad stoor ik mij meer en meer aan suggestieve koppen boven artikelen. De kop ‘We zijn gepiepeld door Bos en Wellink’ op de voorpagina van 31 oktober is daar een treffend voorbeeld van. Door het gebruik van de aanhalingstekens wordt gesuggereerd dat dit een uitspraak is van één van de geïnterviewden. Dat is echter niet het geval. Miriam Brouwens zegt: „Ik voel me gepiepeld en beetgenomen” en even verderop zegt zij: „...En ga mij niet vertellen dat Bos van niets wist”. Nergens in de quotes worden Bos en Wellink in één volzin genoemd. Het „gepiepeld voelen” slaat ook niet alleen op Bos of Wellink, maar ook – althans grammaticaal – op de onbekwame bankiers van Landsbanki. Kortom, de quote is verzonnen door de koppenmaker.

Ik vind dit zeer kwalijk. Door voor deze kop te kiezen wordt een onderbuikgevoel opgewekt, wat ik wel van De Telegraaf maar niet van NRC Handelsblad verwacht.

Dr. W. van Dijk

Nes aan de Amstel

De krant antwoordt

Met citaatkoppen moeten we terughoudend zijn. Als ze al worden gebruikt, moet in één oogopslag duidelijk zijn van wie het citaat is. Dus bijvoorbeeld boven een interview, met een duidelijke ‘onderkop’ waarin wordt vermeld van wie de uitspraak is. Soms wordt de lezer het bos in gestuurd, met een kop tussen aanhalingstekens waarvan niet duidelijk is wiens woorden worden geciteerd. Vaak gebeurt dit omdat er weinig plek is om de spreker in de kop te verwerken. Dat was vorige week maandag het geval, bij het artikel op de voorpagina over minister Bos en premier Balkenende die een ingezonden brief stuurden aan Europese kranten. In die brief stelden ze dat overheden desnoods banken moeten dwingen hun beloningssystemen te veranderen. Boven het artikel stond ‘Lagere bonus afdwingen’. Maar wie dat wilde van wie, was niet duidelijk.

Met het gebruik van een citaatkop zonder afzender geef je als redactie de regie weg. In dezelfde krant stond de kop ‘Popzaal in R’dam gaat nu al failliet’. Bij lezing van het stuk bleek dit een uitspraak van de exploitanten van het Rotterdamse poppodium Watt, die vrezen dat de subsidie van 435.000 euro die ze dit jaar van de gemeente ontvangen niet genoeg zal zijn omdat er nog een poppodium in de stad komt. De kop had moeten zijn: ‘Popzaal wil lening van gemeente’. Dat is feitelijker dan de dreiging met faillissement van de exploitanten zelf.

Dan de citaatkop die de lezer aanhaalt, ‘We zijn gepiepeld door Bos en Wellink’. Hier was wél onmiddellijk duidelijk dat het ging om een Nederlandse gedupeerde spaarder, want dat stond in de onderkop. Je kunt erover twisten hoe dicht een citaatkop bij het gesproken woord moet blijven. Moet het letterlijk zijn gezegd? Het is gangbare journalistieke praktijk om spreektaal, die nu eenmaal vaak vol is van tussenwerpsels en ongrammaticale formuleringen, in interviews zo getrouw mogelijk om te zetten in goed lopende zinnen en om citaten in koppen compacter te maken door bijvoorbeeld lidwoorden te schrappen. In dit geval hebben we woorden uit twee zinnen gecombineerd tot één citaat, dat niet letterlijk zo is uitgesproken maar dat de gevoelens en bedoeling van de geïnterviewde correct weergeeft. De geïnterviewde zegt immers: „Ik voel me gepiepeld en beetgenomen [...] Wellink wist dat Landsbanki in de problemen zat, maar wilde niets zeggen om een run op de bank te voorkomen. Wie moet hij nou beschermen, Nederlandse spaarders of IJslandse bankiers? Hij had moeten zeggen dat Icesave risicovol was. En ga mij niet vertellen dat Bos van niets wist.” In het gesprek met de verslaggever heeft de geïnterviewde veel meer tijd besteed aan de rol van Wellink en Bos dan aan die van Landsbanki. Dat de bankiers in IJslandse dienst haar spaargeld verkwanselden vond ze erg, maar dat Wellink en Bos haar niet hebben gewaarschuwd vond ze erger. Misschien hadden we dat in het artikel nog duidelijker moeten maken.

De gewraakte kop is niet door ons verzonnen om suggestieve onderbuikgevoelens aan te wakkeren. Het citaat beschrijft de gevoelens van Miriam Bouwens én die van andere door ons gesproken gedupeerden.

Birgit Donker Hoofredacteur