Rotterdam biedt hulp bij bouwprojecten

De gemeente Rotterdam overweegt desnoods de eigen financiële reserves aan te spreken in een poging de bouwactiviteiten op gang te houden in de tweede stad van Nederland.

Dat heeft wethouder Hamit Karakus (Bouwen en Wonen, PvdA) gisteren gezegd bij de aankondiging van „een eerste serie maatregelen” ter bestrijding van de kredietcrisis. De toch al stagnerende woningmarkt in Rotterdam is sinds twee maanden verder onder druk komen te staan doordat zowel investeerders als kopers een terugtrekkende beweging maken. Het stadsbestuur vreest dat dit jaar slechts een fractie van de beoogde 3.200 nieuwe woningen gerealiseerd gaat worden.

In samenwerking met bouwcorporaties en projectontwikkelaars heeft Karakus besloten dat voortaan alle nieuwbouwprojecten in aanmerking komen voor een starterslening. Voorheen gold deze financiële tegemoetkoming alleen voor bouwprojecten die moeizaam van de grond kwamen. Daarnaast hebben corporaties en beleggers toegezegd niet-verkochte woningen tijdelijk te gaan verhuren. Normaliter gaan bouwbedrijven pas aan de slag zodra een bepaald percentage van de panden is verkocht.

In navolging van de andere grote steden dringt Karakus aan op steun van de overheid. Hij denkt daarbij aan halvering van de overdrachtsbelasting en verhoging van de Nationale Hypotheek Garantie om de aankoop van een woning aantrekkelijker te maken.

Rotterdam heeft grote stedenbouwkundige ambities, vooral in de nu nog relatief ‘lege’ binnenstad (amper 30.000 inwoners). In de begin vorig jaar gepresenteerde Stadsvisie staan de kwaliteitseisen opgesomd waar de stad in 2030 aan moet voldoen om een ‘aantrekkelijke woonstad’ te zijn. Kern is het vasthouden van hoogopgeleiden, onder meer door de bouw van in totaal 56.000 woningen en dertien ‘vipprojecten’, zoals het nieuwe Centraal Station.