Gesneuvelde reputatie

Een verlepte roos siert het graf van een klassiek liefdespaar. Maarten Doorman en Fredie Beckmans bezoeken graven van filosofen.

Ook op Père-Lachaise is het bouwvak. Volstrekt levenloos staat de neogotische grafkapel van Abélard en Heloïse in de steigers. Er liggen briefjes rondom de tombe van het beroemde liefdespaar, en een verlepte roos.

Grappig, die roos bij het graf van Abélard. De grote middeleeuwse logicus had zich in zijn Glossae super Porphyrium namelijk afgevraagd of het woord ‘roos’ nog betekenis zou hebben als er geen rozen meer zijn. De naam van de roos was een brandpunt in de toen hoog oplopende universaliënstrijd. Filosofen vochten om de vraag of de namen werkelijk zijn, of de dingen.

Wat weten we echter van die werkelijkheid? Zo is het ook lang niet zeker of de lichamelijke resten van Abélard en Heloïse werkelijk in 1817 in dit graf zijn gelegd, al kunnen we er vergif op innemen dat althans één lichaamsdeel ontbreekt. Want Abélard werd op last van zijn oom gecastreerd toen hij zijn nicht Heloïse zwanger had gemaakt en zijn huwelijk met haar geheim hield.

Het deed niet eens zo veel pijn, schreef Abélard later aan Heloïse in het begin van hun klassiek geworden briefwisseling: hij werd verrast in zijn slaap. Wat vooral pijn deed, was zijn gesneuvelde reputatie. Niet alleen God ziet ons, zo haalt hij Augustinus aan, maar ook de mensen.

Met behulp van de verlepte roos zijn een paar briefjes vanachter het hek te harken. Ze halen het niet bij het bevlogen theologische liefdesproza van Abélard en Heloïse. Niet de kreten van Silvano uit Ve-rona noch de in breedsprakig Spaans uitgeprinte brief van Jordi en al helemaal niet de boodschap waarover een oorwurm kruipt: „Lieve Annemarie, je bent het liefste meisje van de hele wereld. Liefs Roderick.”

Zou deze Roderick er genoegen mee nemen dat Annemarie slechts een naam was, die niet naar iets werkelijks verwees? Het zou zijn leven een stuk makkelijker maken, maar in de tijd van Abélard kon je met die manier van denken op de brandstapel komen. Dan zou God ook maar een naam zijn. Gelukkig zocht hij een middenpositie. Er was al tumult genoeg in het leven van deze logicus, singer/songwriter, kerkelijk gezagsdrager, minnaar, geliefd professor, gehaat kloosterling, beroemd redenaar, vervolgde en kluizenaar.

Nu rust hij onder rozen en namen.

Maarten Doorman