En wat ze er gisteravond zelf over zei

Ik herken me niet in de kritiek, hoewel ik erken dat de beeldvorming slecht was.

Minister Vogelaar gaf gisteravond een verklaring af.

Door een onzer redacteuren

Minister Ella Vogelaar legde gisteravond tegen tien uur een korte verklaring af. Ze wilde geen vragen van journalisten beantwoorden. Ze zei onder meer:

„De partijleider heeft me meegedeeld dat er geen vertrouwen meer is in de minister van Wonen Wijken en Integratie. Om die reden treed ik af. De partijleiding voert aan dat de resultaten van de minister van Wonen, Wijken en Integratie onvoldoende zijn. Ik herken mij niet in die kritiek, hoewel ik me me terdege realiseer dat de beeldvorming slecht was. Ik moest starten zonder financiële middelen.(...) Tijdens de wijkbezoeken merkte ik onlangs nog dat er een groeiend vertrouwen is in mijn wijkenaanpak is.

Na de moord op Pim Fortuyn is er op het terrein van integratie binnen de PvdA nog geen heldere koers. Met name op de negatieve effecten van grote groepen migranten ligt het accent te veel alleen op de harde aanpak. Ik ben er zeer van overtuigd dat die aanpak steeds tweeledig moet zijn. Grenzen stellen én perspectief bieden, die twee horen hand in hand te gaan. Die horen allebei bij de wortels van de sociaal democratie. Optreden waar het nodig is, maar ook laten zien dat het mogelijk is hier in Nederland een toekomst op te bouwen.

De golf van enthousiasme die losbrak na de verkiezing van Barack Obama heeft laten zien hoe goed het is dat migranten volwassen deelnemen aan de samenleving. Ik heb me de afgelopen periode met volle inzet en overtuiging en heel veel plezier ingezet en ik had deze klus graag afgemaakt.”

Daarna nam een medewerker Vogelaar bijna letterlijk onder de arm mee.

Kort daarna reageerde premier Balkenende in een schriftelijke verklaring. Hij zei „met respect” kennis te hebben genomen van het besluit van minister Vogelaar. „Iedere minister kan voor de vraag komen te staan of een volwaardig functioneren nog langer mogelijk is. Het onder ogen willen zien van die vraag vergt moed. Die moed heeft mevrouw Vogelaar durven tonen, nadat de fractie die haar voordroeg voor het ministerschap het vertrouwen in haar had verloren”, aldus de premier, die daarmee de verantwoordelijkheid volledig bij de PvdA legde. Balkenende zei verder „met waardering” terug te denken „aan de inzet die mevrouw Vogelaar gedurende haar ministerschap heeft getoond.”

Aan het eind van de avond reageerde ook Wouter Bos, vice-premier en partijleider.

Hij zei dat Ella Vogelaar „ondanks haar tomeloze inzet en vele goede ideeën inmiddels in een situatie terecht was gekomen van waaruit het voor haar niet meer mogelijk was om gezagsvol en effectief leiding te geven aan het vinden en doorvoeren van oplossingen voor één van de grote vraagstukken in de Nederlandse samenleving: hoe zorgen we dat mensen met verschillende culturele, religieuze en etnische achtergronden op een vreedzame manier met elkaar samenleven? Hoe benoemen we de problemen scherp, niet om zwarte pieten uit te delen maar om die problemen op te lossen? Hoe integreren we een steeds grotere diversiteit aan achtergronden en meningen zonder kernwaarden van onze samenleving in het gedrang te laten komen? En hoe zorgen we dat we op die gebieden vooruitgang bereiken, juist in al die wijken waar op dit moment de problemen het grootste zijn? Ella Vogelaar heeft zoals gezegd met tomeloze energie en heel veel goede ideeën hieraan gewerkt. Wij bedanken haar voor die inzet en voor alle resultaten die zijn geboekt. Met alles wat zij op de rails heeft gezet gaan we nu zonder haar verder.”

Mariëtte Hamer, fractievoorzitter van de PvdA in de Tweede Kamer zei : „We moesten ons de vraag stellen of je het beeld nog kon keren. Hoezeer we het ook betreuren, zeker gezien haar energie en enthousiasme.” Hamer wijt het aftreden van Vogelaar aan „een reeks van gebeurtenissen”. De kwestie rond de registratie van de Antillianen noemt zij „zeker niet de druppel”.

Bos zei verder dat de Partij van de Arbeid al een opvolger voor Vogelaar heeft. Deze opvolger zal vandaag nog worden bekendgemaakt. „Er is immers nog heel veel te doen.” De partijleider benadrukte geen verwijten te willen maken: „Het is niet allemaal haar schuld.”