Eén slapeloze nacht, en ik ben weer helemaal bij

Geen oog dicht gedaan, vannacht. Dus ik heb Fasseur uit. Ik geloof niet dat er een causaal verband was. Al had ik de verzamelde columns van Afshin Ellian of de door topadvocaat Bram Moszkowicz warm voor de AKO Literatuurprijs aanbevolen nieuwe roman van Leon de Winter van het nachtkastje genomen, dan zou het nog niet gelukt zijn.

Leuk boek, Juliana en Bernhard. Ik keek alleen even achterdochtig naar de ondertitel: Het verhaal van een huwelijk. Ik ken sinds jaar en dag een boek dat ongeveer die titel draagt, en dat is geschreven door Nigel Nicolson, de zoon van Harold Nicolson (1886-1968) die getrouwd was met de schrijfster Vita Sackville-West. Nigel portretteerde in 1973 het huwelijk van zijn ouders, Portrait of a marriage, een boekje dat ik van meet af aan zó prachtig heb gevonden dat een nieuwe auteur, in welke taal dan ook, wat mij betreft de titel pas mag stelen of variëren als hij Nicolson heeft geëvenaard. Fasseur heeft z’n best gedaan, maar het niet gehaald. Hij was natuurlijk ook niet de zoon van Juliana en Bernhard, en dat scheelt.

Aan de beschrijving van huwelijken die mislopen, zit altijd iets Privé-achtigs. De duimelpassages in de biografie van Wilhelmina betroffen de scharrels van prins Hendrik, en de avonturen van François van ’t Sant die met zwijggelden rondmoest in bordelen en bij bezwangerde meisjes. Zelfs aan het originele Portrait of a marriage zat dat. Maar wat wil je ook. Harold en Vita hielden ontzettend veel van elkaar, maar Harold deed het intussen ook met interessante mannenvrienden, en Vita had een lesbische relatie met onder anderen Virginia Woolf. Ze hielden elkaar op de hoogte, en zeurden niet. Dus zelden ranzige verhalen in de Britse Story, zeker niet na vijftig jaar.

Het was natuurlijk ook van een totaal andere orde dan af en toe een aantrekkelijke jongemeid, of platonische gevoelens voor een tamelijk lelijk mirakel als Greet Hofmans. De ramp die ons vorige koningspaar overviel associeer je eerder met het gebroken huwelijk van Belinda Meuldijk, de dochter van Pipo de Clown, en de zanger Rob de Nijs, die al tegen de zeventig loopt en toch blijft doorzingen. Toen ik me vanochtend na die nacht had opgefrist, las ik toevallig op een site dat Rob het huis in Bosch en Duin opeist waar ze samen ooit gelukkig waren, maar dat Belinda weigert het te verlaten. Juul en Benno konden tenminste nog elk een vleugel van Soestdijk blijven bewonen. Bovendien: Belinda en Rob leven nog.

Ik behoor tot de tientallen of misschien wel honderden Nederlanders die wel eens door Bernhard opgebeld werden, in z’n laatste week zelfs twee keer. Het waren aardige gesprekken, ik had de indruk dat hij me wel mocht, en zich in die grote vleugel soms een beetje verveelde. Inzake Lockheed ben ik twee keer terecht gewezen, maar hij heeft me nooit de huid vol gescholden, zoals wel schijnt te zijn gebeurd met een in De Telegraaf publicerende anesthesist, en met de NIOD-onderzoeker Gerard Aalders, die misschien ook iets te vaak bleef doordrammen over die zogenoemde stadhoudersbrief.

Omdat ik nooit ben opgebeld door koningin (of prinses) Juliana, had ik vanzelfsprekend meer op met haar man. Maar ik zal op gezag van Elsbeth Etty proberen dat vooroordeel te corrigeren. En omdat ik het boek op mijn niveau heb gelezen, weet ik niet goed raad met de strenge kritiek van geleerden als Hans Daalder en Lambert Giebels. Zouden ze jaloers zijn? Dat boek werd ook nog uitgegeven door iemand die getrouwd is met een hoge hofdame, want zo zitten die dingen in Nederland dikwijls in elkaar.

Leuk voor Fasseur dat iedereen zich zo opwindt.

Jan Blokker

Lees de columns van Blokker op nrcnext.nl/blokker