Boris Iljitsj in zijn datsja

Omdat het november is en de melancholie met bakken uit de hemel gutst, moeten we het maar eens over Rusland hebben. In de onvoorstelbare uitgestrektheid tussen Europa en Alaska, waar Sarah Palin de boel voor ons vanuit haar keukenraampje in de gaten houdt, met tranen in haar ogen, ligt een land dat niemand begrijpt en dat zich door niemand begrepen weet. En midden in dat onmeetbare land, dat geen gevleugelde wolf tussen nu en de negende november na nu zou kunnen doorkruisen, ligt het mythologische gebied dat Siberië heet. Daarheen ben ik voor u gegaan om met eigen ogen te aanschouwen hoe de wereld en deze historische tijden worden beleefd in het hart van de natie die onze oude vijand was en onverhoopt weer onze nieuwe vijand zou kunnen worden.

„Het zijn zware tijden”, zegt Boris Iljitsj, die ik bezoek in zijn datsja even buiten Novokuznetsk. „Hebben jullie in Europa nog internet? Wij niet meer, althans ik kan het niet meer betalen. Het is de crisis. De grootste fabriek van Novokuznetsk zit al weken zonder grondstoffen of onderdelen. Duizenden mensen zijn op onbetaald verlof gestuurd totdat de crisis is afgelopen. Hoe lang denk jij dat dat nog gaat duren? Een jaar? Twee jaar? Tot die tijd zitten we zonder geld. Maar gelukkig zijn de frambozen prachtig dit jaar. Ik heb ze vorige week geplukt en ingemaakt. Honderdtwintig grote weckflessen. Daar kom ik de winter wel mee door.”

Boris neemt een grote slok van de Italiaanse wijn die ik voor hem had meegenomen. „Ik begrijp die Amerikanen ook niet”, vervolgt hij hoofdschuddend. „Ik bedoel, ze beweren wel dat ze een democratie zijn, maar ik begrijp niet dat ze niet doorhebben hoe ze worden gemanipuleerd. Wij hebben Poetin. Hij is tenminste een echte democraat. Het parlement is nu bezig om de ambtstermijn van de president te verlengen tot zes jaar, zodat hij straks weer twaalf jaar president kan zijn. Maar in Amerika is alles doorgestoken kaart. Ze kiezen een zwarte man omdat het crisis is. Zodat ze straks, als alles nog erger wordt, de schuld kunnen geven aan een neger. Het is allemaal zo doorzichtig.” Hoofdschuddend drinkt hij zijn wijnglas leeg.

Ilja Leonard Pfeijffer