Bezeten van de 19de eeuw

De negentiende eeuw is een beetje als het middelste kind: een minder beminde periode tussen de Gouden Eeuw en de Haagse School. „Het is een gat in de kunstgeschiedenis”, zegt kunsthistoricus Marius van Dam. Hij is gespecialiseerd in de Nederlandse Romantiek (1780-1860) en publiceerde vorig jaar een studie naar de tekeningencollectie Ploos van Amstel Knoef van Boijmans Van Beuningen.

Uit diezelfde onderbelichte periode veilt Christie’s volgende week onder de titel A romantic affair maar liefst 450 werken, bijeengebracht door een Nederlandse verzamelaar. „Pas de laatste dertig jaar komt er waardering voor schilders als Schelfhout, Koekkoek en Springer”, zegt Van Dam.

Kunsthandelaar Pieter Overduin uit Giessenburg kende de verzamelaar persoonlijk omdat die wel eens iets bij hem kocht of ter restauratie bracht. „Hij had een grote hang naar romantiek.” Vergelijkbare collecties kent Overduin niet, al zijn er mensen met 50 tot 100 werken in Nederland, Duitsland en een paar in de VS. „Als je eenmaal bezeten bent, zit er geen rem op.

Ook directeur Jos Ubbens van Christie’s mag de naam van de overleden verzamelaar niet noemen. „Vanaf midden jaren vijftig tot halverwege de jaren negentig kocht hij zeer gepassioneerd op veilingen en bij handelaren. Als hij bij een particulier thuis iets moois zag hangen deed hij een bod. Dit is bijna een studiecollectie met goed en degelijk werk van 140 Nederlandse schilders. Wie de 19de eeuw wil zien, moet komen kijken.”

Jeroen Kapelle, assistent conservator 19de eeuw bij het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie, bevestigt dat. Hij is blij met de veilingcatalogus waarvoor hij een korte toelichting schreef. „Deze verzameling biedt een mooi overzicht van wat er in de eerste helft van de 19de eeuw is geschilderd. Ik zie hier bijvoorbeeld Maurits van den Kerkhoff van wie niet zo veel werk bekend is.”

De Nederlandse Romantiek kenmerkt zich volgens Van Dam door een kwalitatief zeer hoog niveau van schilderen. „Het vormt in feite een brug tussen de zeventiende-eeuwse en de moderne kunst. Zonder deze periode had de Haagse School nooit kunnen bestaan. Verder is het een kwestie van smaak”, zegt hij over de lage waardering van de periode 1780-1860. „Voor ons zijn dit de schilderijen die je bij je grootouders zag, landschapjes met bospaadjes en zo. Van Ravenswaay schilderde net als Paulus Potter koeien in het landschap, maar die van hem liggen binnen mijn budget. Het genot is het zelfde.” Op de veiling zijn vijf Van Ravenswaays te koop, vanaf 1.000 euro.

Vooral van de tekening Ringsteken van Wouterus Verschuur is Van Dam onder de indruk. Ook het ijstafereeltje Bij de koek-en-zopie van Abraham Teerlink vindt hij bijzonder. „Er gebeurt heel veel en het geeft een fantastisch beeld van ijspret. Kleding, compositie en de lucht onderscheiden het van een werk uit de zeventiende eeuw. En waar komt die schaduw op de voorgrond vandaan? Het is een tekening om bij weg te dromen.”

Kunsthandelaar Overduin ziet de waardering voor de periode weer wat groeien, maar zoals in de jaren negentig zal het niet snel meer worden, vreest hij. „Na de komst van de euro viel het wat tegen en kwamen andere tijden in de belangstelling. Ik ben benieuwd hoe de veiling gaat. Het zou kunnen dat mensen een vlucht nemen uit aandelen naar schilderijen. En deze kunst is redelijk waardevast.”

Veiling ‘A romantic affair’, Christie’s 18/11. Kijkdagen 14 t/m 17/11, christies.com. Expositie Uit de collectie Ploos van Amstel Knoef, t/m 8/2, boijmans.nl