Balkenende stampt hard mee

Hoera, Nederland mag aanschuiven bij de bijeenkomst van de Groep van Twintig (G20), een bont gezelschap van negentien rijke en opkomende landen plus de Europese Unie.

De G20 bespreekt dit weekeind in Washington de financiële en economische crisis. De bijeenkomst moet de aanzet geven tot een nieuw internationaal financieel stelsel.

Zolang de Europese landen niet met één stem via de Europese Unie spreken, valt er wat voor te zeggen dat Nederland hierbij aanwezig is. Premier Balkenende en minister van Financiën Bos zijn activistisch bezig in de financiële crisis. Argentinië, Zuid-Afrika, Australië en Turkije – wel lid van de G20 – leggen wat financieel-economische slagkracht betreft heel wat minder gewicht in de schaal.

Knap stukje lobbywerk dus van Algemene Zaken bij de Franse president Nicolas Sarkozy, initiatiefnemer van de G20-top en halfjaarlijks voorzitter van de EU. Een strategisch goed getimed stuk van Balkenende en Bos, vorige week gepubliceerd in de Duitse editie van de Financial Times en Le Monde, heeft vruchten afgeworpen. Daarin pleitte het dynamische duo voor de omvorming van het Internationaal Monetair Fonds tot een Wereldorganisatie voor Financiële Stabiliteit.

Nu Balkenende met de groten der aarde aan tafel zit, moet hij straks ook leveren. Als de G20 serieus werk gaat maken van de hervorming van het IMF, zal Nederland hoogstwaarschijnlijk zijn gekoesterde zetel in het bestuur van het Fonds kwijtraken.

Naar verwachting komen de regeringsleiders van de G20 dit weekeind met de aanbeveling om een wereldwijde economische recessie af te wenden met een snelle gecoördineerde actie van belastingverlagingen en overheidsuitgaven.

Balkenende kan zich dan presenteren als pionier. Op Prinsjesdag kondigde het kabinet immers aan dat de voorgenomen verhoging van de btw van 19 naar 20 procent niet doorgaat. Dat kostte een paar centen – 2 miljard euro – en het was bedoeld om de inflatie niet aan te wakkeren, maar het was alert conjunctuurbeleid.

Sindsdien is de inflatie bezig als een luchtballon in elkaar te zakken en nu steekt de angst voor deflatie de kop op. Dan is een btw-verlaging de snelste en makkelijkste manier om de bestedingen op gang te houden.

Bijna tien jaar – van 1992 tot 2001 – had Nederland een hoog btw-tarief van 17,5 procent. Wat let Balkenende om de geschiedenis in te gaan als de staatsman die de btw niet naar 20 procent verhoogde, maar naar 17,5 procent verlaagde? In tijden van nood is iedere onorthodoxe maatregel gewettigd.

Roel Janssen