Baanbrekend op voetbalmarkt

Na een lang ziekbed is in Spanje Cor Coster overleden, de schoonvader en zaakwaarnemer van Johan Cruijff.

Ward op den Brouw

„Ik vond dat iemand die zo goed kan voetballen en zoveel mensen aangenaam verstrooit, daarvoor in ruil ook vorstelijk gehonoreerd moet worden. En ik heb mezelf bezworen, dat Johan Cruijff van zijn voetbalcapaciteiten miljonair moest worden.” Dat zei de gisteren op 88-jarige leeftijd overleden Cor Coster over zijn schoonzoon Johan Cruijff, in het boek De Ajacieden van Maarten de Vos, uit 1971. Al vroeg maakte de Amsterdammer een miljonair van de man die veertig jaar geleden met zijn jongste dochter, Danny, trouwde.

„Toen Johan trouwde, had hij geen rooie cent”, zei Coster tegen De Vos. „Sterker: hij moest schulden maken om in een behoorlijk huis te kunnen wonen.” Dat was in december 1968, drie jaar voordat Coster erin slaagde Cruijff een lucratief zevenjarig contract bij Ajax te bezorgen. De stervoetballer had vanaf dat moment de (financiële) zekerheid die hij wenste.

De onderhandelingen tussen Cruijff en zijn zaakwaarnemer Coster aan de ene kant en Ajax aan de andere kant duurden zo lang, dat de familiebetrekkingen ook op scherp werden gezet. „Klotedagen waren het”, bekende Cruijff in het boek Boem (van Jaap ter Haar, 1975). „Danny werd er gek van. Ruzies met haar vader. Ruzies met mij. ‘Laat ze toch doodvallen’, zei Danny. ‘We kunnen toch ergens anders naar toe’.” In de onderhandelingen met Ajax – Barcelona was ook toen al in beeld en een overgang met Feyenoord behoorde ook tot de mogelijkheden – ging het volgens Cruijff hard tegen hard. „In zijn dooie eentje moest mijn schoonvader met mij opboksen tegen Ajax, dat zo machtig was. Tegen mensen, die diep in hun hart vonden dat geld niets te maken had met sport. Tegen mensen die zich onvoldoende realiseerden dat topvoetbal geen hobbywerk, maar een keiharde business is.”

Coster gold als een de eerste echte zaakwaarnemers in het Nederlandse voetbal. De basis voor zijn zakelijke activiteiten in de sport legde Coster als groothandelaar in horloges. „Vader zat in handeltjes”, zei Danny, door haar vader liefkozend Kesi genoemd. „Hij kocht horloges in Zwitserland en zat in die tijd ook vaak op het Waterlooplein.”

Dat Cruijff verweten werd een ‘geldwolf’ te zijn, was vooral een gevolg van de inspanningen van zijn schoonvader. „Ik hoef alleen maar te voetballen, mijn schoonvader doet de zaken”, zei Cruijff in De Ajacieden. „En dat kan hij beter dan ik.” Coster liet Cruijff interviews tegen betaling makenen regelde bijna veertig jaar geleden al een column in De Telegraaf (die Cruijff nog steeds heeft).

Cruijffs leven stond al voor zijn ontmoeting met Coster in het teken van geld, schreef De Vos, „alleen met de restrictie dat Coster hem wat meer het verschil tussen bruto en netto leerde”. Coster lette ook op de kleintjes, blijkt uit hetzelfde boek, bijvoorbeeld als het gaat over een feestelijke opening van een zaak door Cruijff, voor 150 gulden: „Daar ben je een hele dag voor onderweg, daar gaan je benzinekosten af en daar moet je op zijn minst onderweg een happie van eten. Dan hou je nog geen vijf tientjes over.”

Coster was de eerste in Nederland die het voor de spelers opnam. Meer Ajacieden nam hij onder zijn hoede, zoals in het voetbalmakelaarsbureau Inter Football, dat Coster opzette met journalist De Vos en voetballer Piet Keizer. Die laatste speelde nog een rol bij de romance tussen ‘Johan en Danny’. Op de ‘trouwerij’ van Keizer spraken ze voor het eerst met elkaar. Voor die tijd kwam ze Cruijff alleen maar tegen als ze met haar vader naar De Meer ging, en bleef het bij ‘hallo’. Op de bruiloft van Keizer stelde Cruijff Danny Coster aan een kennis bij wijze van grap voor als zijn vrouw.

Coster behartigde voor meer voetballers de zakelijke belangen. Hij handelde niet alleen de transfer van Cruijff van Ajax naar Barcelona af – in 1973 voor circa 5 miljoen gulden – maar ook de overgang van Johan Neeskens naar diezelfde club. Rond het WK van 1974 zorgde ‘Ome Cor’ ervoor dat de spelerssalarissen fors omhoog gingen.

Nadat Cruijff het eens zonder zijn schoonvader had geprobeerd en door een buitenlandse zaken man en huisvriend was besodemieterd en uiteindelijk failliet ging, kwam hij toch weer bij Coster terug. Een mooie anekdote deed kort na dat financiële fiasco de ronde. „Het enige dat Johan zonder mij mag doen, is pissen”, zei Coster toen.