Amsterdamse levensverhalen als bruggen in de stad

De Stadsverteller van Amsterdam zal elk jaar zes verhalen schrijven, geïnspireerd door de canon van de hoofdstedelijke geschiedenis. „Om bruggen te slaan.”

Er was eens een school in Amsterdam, waar kinderen uit vele landen op zaten. De ouders groetten elkaar niet en de kinderen kwamen niet op elkaars verjaarsfeestjes. Op een dag kwam de Verhalenman op school en hij liet ouders elkaar hun levensverhalen vertellen. De ouders lachten hard om de verhalen en sindsdien groeten ze elkaar.

Dit verhaal is waargebeurd, op de J.P. Coenschool in Amsterdam. Op deze plek is Karel Baracs, die al bijna twintig jaar optreedt als de Verhalenman, gisteren na zijn optreden benoemd tot Stadsverteller van Amsterdam. Baracs (1950) is daarmee de eerste stadsverteller van Nederland en – voor zover na te gaan – van Europa.

De Stadsverteller zal elk jaar zes verhalen schrijven, die zijn geïnspireerd door de onlangs gelanceerde canon van de Amsterdamse geschiedenis. Op hoogtijdagen als de Gay Parade en Sail Amsterdam zal Baracs verhalen voordragen. De Stadsverteller zal bovendien in Amsterdam mensen hun levensverhalen laten vertellen. „Om bruggen te slaan tussen bevolkingsgroepen”, zegt Baracs.

Wat hij bedoelt is goed te zien bij zijn optreden op de school in de zeer gemengde Indische Buurt. Baracs vertelt de vijftiende aflevering van zijn al jaren lopende feuilleton over de fictieve Kroepoekstraat, met families uit Suriname, Turkije, Marokko en Nederland. Vanavond gaat het over de noodzaak van gezond ontbijten. De volle aula luistert ademloos: de trambestuurder, de universiteitsdocente, de winkelierster, de schrijver, de huisvrouw.

Velen lachen om de herkenbare situaties: het kind dat om snoep zeurt, de jongens die ontbijten met chips en de jongen die zijn ontbijt overslaat. Baracs laat een jongen zeggen dat chips gezond zijn: „Want chips zijn gemaakt met aardappels en aardappels zijn groenten.” Hard gelach. Na afloop vertelt Baracs dat hij deze opmerking hoorde van een vriendin: „Voor al mijn verhalen put ik uit gesprekken met mensen.”

Baracs heeft zestig leren koffers met verkleedkleren, van een muggenkopje – „Voor een verhaal over een muggenfamilie” – tot een paardenhoofd – „straks voor Sinterklaas”. Hij doet optredens op scholen, in verzorgingshuizen, maar ook in het Verzetsmuseum.

Baracs begon in 1990 verhalen te vertellen aan kinderen in stadsdeel Zeeburg. Vijf jaar geleden begon hij met bijeenkomsten met de ouders van leerlingen van de J.P. Coenschool. „Het eerste jaar zaten er vijf ouders, inmiddels komen er meer dan zestig op een avond”, zegt Baracs. De ouders vertelden ook zelf hun verhalen.

Zo was er een hilarisch verhaal van een Marokkaanse vader over zijn komst naar Nederland. Baracs: „Zo vertelde hij hoe hij met zijn broers uit het raam van zijn huis in Amsterdam keek, voordat hij de straat op durfde te gaan.” De universiteitsdocente vertelde over haar jeugd in de Betuwe, na een grondige training door Baracs.

Baracs wil dit kunststukje herhalen op allerlei plekken in de stad. Verteltalent is er genoeg, ontdekte Baracs deze zomer als juryvoorzitter van een verhalenwedstrijd: „De winnares was de Iraanse Susan Rezaï. Zij vertelde heel beeldend over hoe zij als dorpsmeisje was gefascineerd door de begraafplaats en begrafenisstoeten. Susan gaat een heel goede verteller worden.”

Burgemeester Cohen, die De Verhalenman al eerder had gehoord, schoot Baracs bij die wedstrijd aan. „Cohen ziet de grote waarde van de orale traditie bij het overbruggen van tegenstellingen”, zegt Baracs. Zo ontstond het idee van de Stadsverteller. Een van de geschiedenisverhalen die Baracs zal vertellen gaat over de fictieve Anna van Aemstelland, een meisje uit de dertiende eeuw dat een overstroming beleeft.

Op de J.P. Coenschool eten de bezoekers na de voorstelling de Turkse, Marokkaanse, Tunesische en Nederlandse hapjes, die door de ouders zijn klaargemaakt. „Dit is het ontbijt waar ik over vertelde”, zegt Baracs: „Hoor hoe iedereen napraat.”

Meer informatie via www.verhalenman.nl