Opgescheept met de onfortuinlijke namen Bremma en Bremton

Ik zit geloof ik aan mijn taks wat betreft de wettelijk toegestane hoeveelheid poezenstukjes per columnist, maar ik moet melding maken van mijn twee nieuwe katjes.

Ik had eerder twee wilde boskatten gekocht, die terug moesten naar het asiel. Daarna wilde ik meteen nieuwe poezen. Met poezen is het anders dan met geliefden; je kunt de oude acuut inruilen voor nieuwe. Daar past je gevoelsleven zich flexibel op aan. (En ach, acuut inruilen zou je met geliefden toch eigenlijk ook het liefste willen doen, als de verkering uit is. Alleen lukt dat meestal niet, omdat je er ongezellig uitziet als een relatie net voorbij is.)

Dit keer ging ik op Markplaats kijken, waar de kattenhandel welig tierde. Honderden nestjes werden er aangeboden, met opmerkingen erbij als: ‘Wij vragen een kleine bijdrage voor onze kittens zodat zij geen slangenvoer worden’. Er bleek een grimmige, illegale scene rondom jonge katjes te bestaan waar ik geen weet van had.

Maar dan belde ik over een katje in, zeg, Hyrgeniswolde, Uiterst-Noord-Friesland, dat sinds vier minuten geadverteerd werd op Marktplaats, en dat was dan alweer verkocht. Ik zeg het: vergeet aandelen, vergeet goud; een zwangere poes is de beste investering voor deze winter.

Uiteindelijk kwam ik uit bij een asiel waar ze aardige poesjes hadden. Een nest van zes totaal verschillende broers en zusjes lag in een kooi. Ik koos een roze katertje en een cypers poesje uit.

Ze hadden al namen, want dat asiel noemde poezen altijd naar de straat waar ze waren gevonden. Omdat dat de Bremstraat was, zaten de poezen nu opgescheept met de onfortuinlijke namen Bremma en Bremton.

Een snelle naamsverandering was nodig.

Maar ja, hoe doe je dat? Je moet die beesten toch een beetje kennen, en er dan de goede naam bij kiezen.

Na een paar dagen werd duidelijk waar de interesse van het katertje lag: bij Googlen. Urenlang kan hij internetten. Ik moet de websites intypen, hij leest. Alles boeit hem, van obscure weblogs tot sites over Sinterklaaslootjes. Het liefst ligt hij met zijn buikje op het toetsenbord.

Hij heet dus Google. De passie van de ander, het poesje, is niet duidelijk (al houdt ze van koude koffie, erwtensoep en dure lampen omgooien). Die heet nu Maps. Dat vinden sommige mensen zielig, maar ik vind Google en Maps makkelijk om te onthouden. En trouwens, net als mensen hebben katten een zeer flexibel gevoelsleven.