Ongelijke vetverdeling is gevaarlijk

Veel buikvet verhoogt de kans op voortijdig overlijden, vooral bij niet-rokers van middelbare leeftijd met een verder normaal of iets verhoogd lichaamsgewicht. Dat blijkt uit een onderzoek naar de invloed van overgewicht en vetverdeling op de sterfte onder een half miljoen Europeanen, vandaag gepubliceerd in de The New England Journal of Medicine.

Bij rokers vergroot veel buikvet de sterftekans niet veel. Maar dat komt vooral doordat de sterfte (dat is de kans om het komende jaar te overlijden) onder rokers toch al hoog is. Of een roker veel vet meedraagt, en waar dat is opgeslagen, verandert daar niet zo veel meer aan.

Overgewicht verhoogt de kans op chronische ziekten als ouderdomsdiabetes, gewrichtsklachten en hart- en vaatziekten. Ernstig overgewicht doet ook de kans op een voortijdige dood stijgen. Om de gevarenzones aan te geven is de laatste decennia vooral de body mass index (BMI) gehanteerd. Dat is het gewicht in kilo’s gedeeld door het kwadraat van de lengte in meters. Een BMI tussen 18,5 en 25 wordt als een gezond gewicht beschouwd. Inmiddels heeft meer dan de helft van de volwassen Nederlandse mannen een BMI boven de 25. Een BMI boven de 30 staat te boek als ernstig overgewicht, obesitas of vetzucht

De laatste jaren komt er meer aandacht voor de gezondheidseffecten van de vetverdeling. Veel vet ín de buik – het vet ligt dan binnen de buikspierwand, rond de darmen, bloedvaten en andere buikorganen – veroorzaakt eerder diabetes, hoge bloeddruk en hartziekten dan dezelfde hoeveelheid onderhuids vet in billen, heupen, kin, benen en armen. Er zijn normen voor een gezonde buikomvang: vrouwen moeten minder dan 88 centimeter taille hebben, gemeten tussen onderste rib en de bovenpunt van het heupbeen. De centimeter ligt dan ongeveer over de navel. Mannen moeten onder de 102 centimeter blijven.

Hoe het buikvet de levensduur verkort, stond nog niet precies vast. In het eerste massale onderzoek onder Europeanen valt nu onderscheid te maken tussen mannen en vrouwen, rokers en niet-rokers en binnen leeftijdscategorieën.

Mannen met een tailleomvang van iets onder 90 cm hebben de laagste sterftekans. Magerder mannen overlijden iets eerder. Mannen met een middel van 75 cm lopen net zoveel risico als mannen met 102 cm. Daarboven stijgt de sterftekans door, tot hij tweemaal zo hoog is bij een buikomvang van 120 centimeter. Vrouwen leven het veiligst met een taille van 75 à 80 cm. Het buikvet lijkt iets gevaarlijker voor mannen dan voor vrouwen. Opvallend is dat zowel mannen als vrouwen met een BMI van 21 tot 30 een veilig gewicht hebben, als wordt gekeken naar de kans om binnen tien jaar te overlijden. Dit onderzoek keek naar de sterfte na gemiddeld tien jaar. Dat is ook het nadeel van dit onderzoek: het lichaamsgewicht heeft levenslang invloed, maar dat is hier niet bestudeerd.

Rectificatie / Gerectificeerd

Buikvet

In het bericht Ongelijke vetverdeling is gevaarlijk (13 november, pagina 8) staat: „Bij rokers vergroot veel buikvet de sterftekans niet veel”. Voor rokers geldt echter dat buikvet de sterftekans meer vergroot dan het vet op benen, heup en armen. Buikvet is dus ook voor rokers het gevaarlijkste vet.